Auteursarchief: nicky

49

Gisteren werd ik 49. De perfecte leeftijd voor een midlifecrisis, bedacht ik me ineens. Want jeetje! Ik begin toch wel mee te tellen. En eerlijk is eerlijk; een beetje melancholiek word ik wel als ik muziek hoor uit mijn jeugd. Al die dromen die ik had. Al die dingen die ik wilde, ‘later’ als ik groot zou zijn. En nu is het ineens later en zijn een paar dingetjes toch niet helemaal gelukt.

Natuurlijk kan er nog steeds van alles. Ik heb, mag ik hopen, nog een half leven voor me. En zoals mannen rond deze leeftijd soms een motor of een hippe sportwagen kopen, hun echtgenote inwisselen voor een jonger exemplaar en aan hun tweede leg beginnen, zou ik ook nog best het roer drastisch om kunnen gooien.

Ik zou Frank kunnen dumpen en een toyboy kunnen versieren. Zo eentje die net iets ouder is dan mijn dochter. Met een afzak-broek, wasbordje en hipsterbaard. Met een beetje hulp van Italiaanse dokters zou zelfs die tweede leg nog goed kunnen komen en zou ik nog twee baby’s kunnen krijgen zodat ik de drie kinderen zou hebben waar ik vroeger van droomde. 

En een nieuwe carrière natuurlijk! Ik kan me om laten scholen tot kraamverzorgster. Of makelaar. Of een beroemd schrijfster kunnen worden. Dat laatste zou dan weer mooi matchen met mijn toyboy. Kunnen we samen naar het Boekenbal. Als we tenminste oppas kunnen vinden voor de tweeling.

Maar eerlijk gezegd lijkt me dat niks. Zo’n toyboy, daar moet je dan weer mee naar de disco. En ik weet niet eens of dat nog wel bestaat, een discotheek. En met je toyboy naar het Boekenbal is trouwens ook best riskant want Heleen komt natuurlijk ook. Bovendien vind ik Frank nog steeds de liefste. Oké, hij heeft dan wel geen wasbordje maar daar staat dan weer tegenover dat ik mijn buikje niet in hoef te houden. 

En zo’n tweede leg. Ach, ik weet het niet. Weer vieze luiers, snotneuzen en een peuterpuberteit. Bovendien is dat ene kind dat ik nu heb zó goed gelukt dat ik niet weet of me dat nog een keer zou lukken. Het is de goden verzoeken, zo’n tweede leg.

En omscholen? Nee, ook maar niet. Ik heb echt heel erg leuk werk dat ik nog steeds met veel plezier doe. Samen met mijn collega’s die ik soms met liefde en plezier achter het behang zou willen plakken maar die ik meestal toch heel lief, leuk en gezellig vind. En een beroemd schrijfster? Ach, ik heb jullie toch? Mijn lezers hier? Dat Boekenbal schijnt trouwens best tegen te vallen, heb ik gehoord.

Kortom, mijmerend over de afgelopen 49 jaar, kan ik niet anders dan vaststellen dat ik heel tevreden ben. Dus proost! Op naar de 50!

Bijschrift bij de foto: 1973, toen ik nog met mijn kont in een emmer paste.

Verpieterde Liesjes.

Een tijdje terug schreef ik al over ons balkon dat vol hangt met bloembakken zodat onze Spike niet over de reling kukelt. In het seniorencomplex waar wij wonen, hebben al onze buren gekozen voor geraniums. Logisch. Ze zijn allemaal ver boven de 75 en wat doe je dan? Juist! Achter de geraniums zitten! Maar ik, nog niet eens 50, koos voor Vlijtige Liesjes. Dat vond ik passender. Bovendien had ik ze vroeger veel in de tuin staan en daar deden ze het altijd goed.

Maar ruim twee maanden later blijkt dat ik gewoon Liesjes in mijn bloempotten heb, want Vlijtig zijn ze zeker niet. Sterker nog; de naam Verpieterde Liesjes is meer op ze van toepassing. En ik doe nog wel zó mijn best! De uitgebloeide bloemetjes heb ik er steeds braaf uit gehaald, zoals mijn vader – die er toch écht verstand van had – dat vroeger ook altijd deed. Ik kocht een miniatuurversie van de groene gieter die hij altijd gebruikte en geef mijn Liesjes op tijd water. En toch willen ze niet.

De vraag blijft natuurlijk; geef ik ze te veel of juist te weinig water? Omdat ik mijn vader niet meer kan bellen, vroeg ik het aan Google. Maar daar werd ik niet veel wijzer van. Want in allebei de gevallen leggen ze het loodje. Ik heb inmiddels besloten dat ik ze te weinig water geef en giet dus een beetje extra. Zeker met dit warme weer. De bloempotjes zijn best klein dus dat droogt snel. En in een ultieme poging mijn bloemenkinderen te redden, heb ik – voor het eerst in mijn leven – plantenvoeding gekocht.

Ik geef de hoop niet op. Ik geef mijn Liesjes veel water, 1 x in de twee weken voeding en haal de dode bloemetjes weg. Af en toe wissel ik zelfs wat bakken om. Je weet het tenslotte maar nooit; mijn Liesjes kunnen wel ruzie hebben onderling. Of balen van het uitzicht. Ik hoop dat het helpt. Zo niet, dan doe ik net als mijn buren en ga ik gewoon achter de geraniums zitten. Ook mooi.

Aan vakantie toe.

  • Dat je ín je auto al achter het stuur zit en dan je autosleutels kwijt bent.
  • Dat je, terwijl je staat te koken, de kat eten wil geven en het natvoer op je eigen bord gooit in plaats van in zijn bakje (iiiieeeuw!)
  • Dat je koffie maakt zonder een nieuw cupje in het apparaat te doen.
  • Dat je staat te dromen onder de douche en jezelf wast met cremespoeling. (Wel een lekker zacht velletje, trouwens).
  • Dat je een pak melk uit de koelkast haalt, het op het aanrecht zet om een beker te pakken, daarna in de koelkast kijkt en denkt ‘Shit! De melk is op!’
  • Dat je als je thuiskomt de tag van kantoor voor je voordeurslot houdt en verbaasd bent dat de deur niet open gaat.
  • Dat je je ov-pas voor het schermpje houd in plaats van voor de scanner en boos wordt omdat het kreng niet werkt.
  • Dat je het hondendrolletje van Nanuk netjes op wilt rapen maar ‘m uit het zakje laat vallen en er zelf vol in gaat staan. 
  • Dat je je auto probeert te starten met je voordeursleutel (zie ook punt 1).
  • Dat je probeert te pinnen met je rijbewijs.
  • Dat je dochter zegt dat ze zin heeft om koekjes te bakken maar geen eieren in huis heeft. Dat je haar bloedserieus de tip geeft om dan maar eierkoeken te bakken.
  • Dat de kat overgeeft, jij er in trapt (iiiieuw) en denkt ‘even schoonmaken’. Dat je dat vervolgens vergeet en er nóg een keer intrapt.
  • Dat je je brood staat te smeren en sandwichspread op je peperkoek smeert.

Nog vier weken…

 Bijschrift bij de foto: Michelle in vakantie-modus (1995)

Anders dan anders.

Een lege kast én een afkeer van winkelen. Da’s op zijn zachts gezegd geen gunstige combi. Ik zag er dan ook huizenhoog tegen op om te gaan shoppen voor een nieuwe zomergarderobe. “Waarom shop je niet online?” hoorde ik van verschillende kanten. Ook daar zag ik tegen op maar veel keuze had ik niet. Ik moest toch iets, nu de temperaturen ineens naar tropische waarden stegen.

Na een uur zuchten en steunen met mijn tablet op de bank was het gepiept en kreeg ik diverse mailtjes binnen waarin jubelend werd verkondigd wanneer ik mijn aankopen kon verwachten. Ik werd er niet warm of koud van. Ik heb zó niks met kleding kopen.

En een paar dagen later was het dan zover. Mijn pakketjes werden bezorgd. Joepie. Ik herinnerde me meteen weer waarom ik online shoppen ook niet handig vind. Ik twijfelde bij diverse items of ze niet een maatje kleiner konden. Maar ja, even een maatje kleiner passen was er niet bij. Met mijn lege kast in gedachten besloot ik resoluut alles te houden. Te groot of niet. Het krimpt wel. Of ik groei er vanzelf in. Dat kan ook.

Zelfs van kledingstukken die ik – als ik in de winkel geweest zou zijn – terug gehangen zou hebben, rukte ik resoluut het kaartje af. Over één kledingstuk twijfelde ik. De maat was goed, maar er bleken glitters op te zitten. En ik draag nooit kleding met glitters. Aarzelend vroeg ik de mening van mijn wederhelft. “Wat vind jij? Er zitten glitters op!” “Gewoon doen! Leuk, toch!” antwoordde hij. Om er op het moment dat ik er het kaartje definitief aftrok, fijntjes aan toe te voegen “Lekker ordinair!” 

En zo komt het dus dat ik er ineens anders dan anders bijloop. In plaats van veilige, effen bloesjes heb ik nu drukke shirtjes.  “Wow!” zei een collega toen ik ‘s maandags, in het nieuw, op kantoor verscheen. “Wat heb je psychedelic bloesje aan! Ben ik niet gewend van je!” En toen ik dinsdag thuis kwam uit mijn werk, met mijn glitter-shirtje aan, werd ik door Frank begroet met een vrolijk “Hoi Ma Flodder!”. 

En ik begrijp ineens waarom de online-winkels zo succesvol zijn. Ze floreren door mensen zoals ik. Die te lui zijn om hun aankopen terug te sturen.

Heb jij tips voor succesvol online shoppen?