Categorie archief: Klussen met kijkers.

Loungebank 2.0

In ons vorige huisje had ik, op ons ienieminie balkonnetje, een ienieminie loungebankje staan. Loungebank 1.0. Ik was dol op mijn bankje. Maar het in elkaar zetten was zo’n klus geweest dat ik het bankje heb laten staan toen we gingen verhuizen. De stoeltjes en het tafeltje die ik na de verhuizing kocht waren prima maar nooit echt je-van-het. Ik miste mijn bankje. Dus met de lente voor de deur, besloot ik een nieuw bankje te kopen. Afgelopen maandag werd er een grote doos bezorgd met daarin alles wat je nodig hebt om een lekker loungebankje te bouwen.

Ik had natuurlijk geduldig kunnen wachten tot mijn vrije dag met het in elkaar zetten van het bankje. Maar het woordje ‘geduld’ komt in mijn woordenboek niet voor dus ik moest en ik zou op maandagavond laat na het eten mijn bankje nog even in elkaar zetten. Nou ben ik – door al mijn verhuisperikelen – een kei in het monteren van allerlei meubelstukken. Met twee vingers in mijn neus en één hand op mijn rug zet ik – desnoods geblinddoekt – de meubelstukken van bijvoorbeeld de Zweedse meubelgigant in elkaar. En aangezien ik nu ruimte genoeg had om mijn bankje te monteren, zou dat natuurlijk een fluitje van een cent zijn.

Maar toen het een uur later donker werd, had ik pas drie delen van het bankje aan elkaar geschroefd en zat ik te kijken met een raar gevormd verbindingsstuk dat ik met geen mogelijkheid vastgeschroefd kreeg. Teleurgesteld ging ik naar binnen en liet mijn bankje voor wat het was.

De volgende avond ging ik met frisse moed weer aan de gang. Ik ontdekte pas na een klein half uur dat de schroef in het rare verbindingsstuk andersom moest. Toen paste het wel. Daarna moest ik twee panelen in het bankje klikken. ‘Click’ stond er op het plaatje in de handleiding. Dat leek simpel. Maar hoe hard ik ook duwde; er deed niets ‘click. Ik sloeg met de muis van mijn hand. Ik klemde het bankje tegen mijn boezem en probeerde zo de panelen vast te duwen. Ik schopte er tegenaan. Maar geen ‘click’.

Mijn geduld voor die hele week was de avond daarvoor al lang en breed opgebruikt. Dus ik vloog briesend naar binnen en haalde een hamer en een pannenlap. Met de pannenlap ter bescherming tegen het plastic probeerde ik met de hamer de panelen op hun plaats te rammen. Er gebeurde niks, nada, noppes. De enige ‘click’ die ik hoorde was die in mijn hoofd. Toen mijn gezonde verstand weer terug kwam.

‘Wacht!” sprak ik mezelf streng toe. “Zie jij een hamer op de handleiding staan? Nee! Dus waarom sta je dan met een hamer te rammen?” Ik moest aan mezelf toegeven dat dat toch wel een érg goed punt was. Zo moeizaam hoorde het niet te gaan. Ik bekeek mijn losse onderdelen nog eens goed en ontdekte dat ik de verkeerde panelen vast probeerde te klikken. De juiste panelen klikten simpel vast. Net voor het dinsdagavond helemaal donker werd, schroefde ik – mezelf bij lichtend met mijn telefoon – de laatste schroeven vast. Mijn bankje was klaar.

Loungebank 2.0

De dag erna kelderde de temperatuur tot een schrale 10 graden en er waaide een koude wind. Dat bleef de hele week zo. Dit weekend kwamen er zelfs hagelbuien en natte sneeuw voorbij. Van achter het raam kijk ik nu naar mijn bankje. Wat is-ie mooi! Wat zal hij lekker zitten! En ik tel nachtjes. Het wordt beter weer. Echt! Nog twee nachtjes slapen…

Kattenproof balkon.

Toen onze Spike bij ons kwam wonen, waren we het meteen eens. Spike mocht niet naar buiten. Te druk, te gevaarlijk en, eerlijk is eerlijk, onze Spike is gewoon niet zo handig. Destijds hadden we wel een balkon maar dat lag aan de voorkant van het huis, direct aan de galerij. We konden het met geen mogelijk afzetten om voor Spike een veilig plekje te maken. Dus kochten we een grote kattenren zodat Spike tóch buiten kon. Hij vond het heerlijk! Er paste zelfs een tuinstoeltje in. Dus hield ik, ongetwijfeld tot hilariteit van de buren, Spike vaak gezelschap in de ren.

Bij ons tijdelijke mini-huisje zat een mini-balkonnetje dat ik afzette met kattengaas. Oké, het was klein. Maar groot genoeg voor Spike. Hij ontdekte dat hij heerlijk kon liggen op het loungebankje en ik heb heel wat avonden staan smeken of meneer alsjeblieft binnen wilde komen. Hij is zo graag buiten. Tijdens onze huizenjacht beloofde ik Spike dan ook een huis met een groot balkon.

En nu zitten we hier. In ons riante appartement met dito balkon. Prachtig. Ook voor Spike. Er was alleen één probleem. Hoewel we maar één hoog wonen, zag ik mezelf – met mijn hoogtevrees – niet, staand op een keukentrap op het balkon, kattengaas ophangen. Dus piekerde ik me suf hoe ik kon zorgen dat Spike veilig buiten kon, zonder al te veel gedoe.

En toen kwamen mijn broer en schoonzus op visite. Als cadeau brachten ze een bloembak mee om aan de reling van het balkon te hangen. En ineens viel het kwartje. Die bloembak! Dat was de oplossing. Ik plunderde het dichtstbijzijnde tuincentrum, kocht nog tien van die bloembakken en hing het hele balkon vol. 

De bloembakken hangen aan de binnenkant van het balkon, zodat Spike, die al op leeftijd is, niet op de reling kan springen. En zo genieten we met z’n allen veilig van het zonnetje. En van de bloemenzee die inmiddels in de bloembakken groeit. Perfect!

Een goede start.

Goede voornemens voor 2018 had ik niet. Wel een To Do-list voor 2017 die – de naam zegt het al – in 2017 afgewerkt moest worden. Op die lijst prijkten het ophangen van nog wat kleine dingetjes in huis, mijn foto’s van 2017 uitzoeken en er een filmpje van maken, de enorme stapel papieren uitzoeken en opruimen die ergens in een hoek lag en, als laatste, onze ‘studeerkamer’ opruimen.

Vooral dat laatste was nogal een logistieke operatie omdat die kamer, sinds onze verhuizing in juli, gebombardeerd was tot ‘rommelhok’. De verhuizers hadden wat spullen uit de berging van het vorige huis en uit onze gehuurde opslag per ongeluk in ons huis gezet. Die spullen moesten dus terug naar de opslag. Maar dat kon niet omdat onze hometrainer nog in de opslag stond waardoor de andere zooi er niet meer bij kon.

Bovendien bewaarden we in het ‘rommelhok’ ook al ons gereedschap en alle dingen die nog opgehangen, opgeborgen of weggegooid moesten worden. ‘Rommelhok’ was dus eigenlijk een understatement. Bovendien staat onze linnenkast ergens in dat hok. En ik had er schoon genoeg van om iedere morgen een gevaarlijke hink-stap-sprong te moeten maken om schoon ondergoed uit de kast te pakken. Dus deze klus stond hoog op mijn lijstje.

Mijn vrije dagen met Kerst gingen lamlendig voorbij. Frank was ziek van zijn nieuwe medicijnen en bracht de Kerst door met een dekentje op de bank. Ik had geen excuus maar lag ook grotendeels op de bank. Met een boek en een dekentje. Afgezien van gourmetten met Michelle en Robby en koffie drinken bij mijn moeder deden we he-le-maal niks. En toen werd het Oud en Nieuw en kreeg ik het ineens op mijn heupen.

Op Oudjaarsdag sleepte ik de loeizware hometrainer uit de opslag in de auto en zette hem thuis in de slaapkamer. Aan het eind van de middag had ik al mijn foto’s uitgezocht en een filmpje gemaakt. Nieuwjaarsdag sliep ik uit en deed ik wederom niks. Maar 2 januari ging ik vrolijk verder. Ik verzamelde alle bende die naar de opslag moest uit ons huis en onze berging, propte alles in de auto en bracht de boel naar de opslag. Alle rotzooi die weg kon, gooide ik in de container. Dat schoot lekker op!

Ik boorde de laatste gaatjes en hing de laatste spulletjes op (inclusief een kek rekje voor boven mijn bureau) en bracht al het gereedschap naar de berging. Ik had nog ruimte over dus borg ik meteen onze kerstboom op. Ik gaf het hele huis een sopje en richtte onze studeerkamer in. Met zo’n mooi plekje was het een koud kunstje om mijn paperassen te sorteren, te scannen en op te slaan en nog snel een achterstallige rekening te betalen. Al finishing touch zeemde ik ook nog even alle ramen. Binnen en buiten.

Klaar! Eigenlijk viel het achteraf gezien allemaal best mee. En, zoals altijd, vraag ik me dan af waarom ik dat niet eerder gedaan heb. Misschien wordt het toch tijd voor een goed voornemen.

Boekenplankjes.

In ons vorige ienie-minie poppenhuisje konden we geen boekenkast meer kwijt. Frank’s boeken stonden noodgedwongen in dozen in de berging. Tot ik op het idee kwam wat boekenplanken op te hangen in de hoek boven zijn bureau. Zo konden we nog niet alle boeken kwijt, maar we konden in elk geval de meest bijzondere exemplaren weghalen uit de vochtige berging en in huis bewaren.

Ik vertrok naar de Zweedse meubelgigant en scoorde drie enorme boekenplanken. Van die boekenplanken die je onzichtbaar aan de wand kunt bevestigen. Geniaal! Omdat Frank in de lappenmand zat, was ik op mijn eigen klusvaardigheid aangewezen. Geen punt. Ik kan namelijk heel goed klussen. Echt. Je moet gewoon even een metalen steun met schroeven aan de muur bevestigen en daar de (holle) plank overheen schuiven. Simpel!

Maar in de praktijk vond ik het toch een tikkie tegen vallen. De steunen waar de planken overheen moesten komen, moesten met maar liefst 16 schroeven vast geschroefd worden. Ik stond, op een wankel keukentrapje, enorm te hannesen met zo’n metalen steun, een waterpas en een potlood om af te tekenen waar de gaten moesten komen. En dat drie keer. Daarna moest ik maar liefst 48 gaten boren. Toen ik uiteindelijk alle gaten geboord had en de drie steunen opgehangen had, had ik lamme armen.

En toen bleek dat ik verkeerd gemeten had. De planken moesten, met de zijkant, in de hoek komen. En ik had de ruimte tussen die muur en de steun verkeerd opgemeten. Dus de planken pasten niet om de steunen. Die zaten te dicht bij de muur. Ik liet mijn lamme armpjes moedeloos zakken.

Ik had zó geen zin om die steunen weer los te schroeven, 48 gaten dicht te smeren en 48 nieuwe gaten te boren. Liever lui dan moe bedacht ik een andere oplossing. Ik zaagde gewoon een stuk van de planken af. Briljant! Mijn boekenplanken hingen! Weliswaar waren ze wat korter dan de bedoeling was, maar ze hingen!

Vlak daarna gingen we verhuizen. We hebben nu genoeg ruimte voor een boekenkast dus de boeken van Frank staan inmiddels allemaal netjes in de kast. Toch wilde ik de planken boven het bureau weer ophangen. Gewoon, voor andere dingen. Altijd handig. Dus ging ik opnieuw aan de slag met steunen, waterpas en potlood en tekende ik weer 48 gaten af. Ik schroefde drie steunen aan de muur en wilde de eerste plank er overheen schuiven.

En toen bleek dat ik weer verkeerd gemeten had. Echt. Ik geloofde het zelf eerst ook niet. Het zal de frisse zeewind geweest zijn die in onze nieuwe woonplaats waait. Die is vast in mijn bolletje geslagen. Maar ik heb écht wéér verkeerd gemeten. De planken pasten ook deze keer niet over de steunen. En aangezien ik nog steeds liever lui dan moe ben, heb ik opnieuw een stuk van de planken gezaagd.

Ze hangen. Weer een stuk korter dan de bedoeling was. Het is goed dat ik niet meer hoef te verhuizen. Ik houd geen boekenplanken over op deze manier.