Categorie archief: Me, myself and I

Een goede start.

Goede voornemens voor 2018 had ik niet. Wel een To Do-list voor 2017 die – de naam zegt het al – in 2017 afgewerkt moest worden. Op die lijst prijkten het ophangen van nog wat kleine dingetjes in huis, mijn foto’s van 2017 uitzoeken en er een filmpje van maken, de enorme stapel papieren uitzoeken en opruimen die ergens in een hoek lag en, als laatste, onze ‘studeerkamer’ opruimen.

Vooral dat laatste was nogal een logistieke operatie omdat die kamer, sinds onze verhuizing in juli, gebombardeerd was tot ‘rommelhok’. De verhuizers hadden wat spullen uit de berging van het vorige huis en uit onze gehuurde opslag per ongeluk in ons huis gezet. Die spullen moesten dus terug naar de opslag. Maar dat kon niet omdat onze hometrainer nog in de opslag stond waardoor de andere zooi er niet meer bij kon.

Bovendien bewaarden we in het ‘rommelhok’ ook al ons gereedschap en alle dingen die nog opgehangen, opgeborgen of weggegooid moesten worden. ‘Rommelhok’ was dus eigenlijk een understatement. Bovendien staat onze linnenkast ergens in dat hok. En ik had er schoon genoeg van om iedere morgen een gevaarlijke hink-stap-sprong te moeten maken om schoon ondergoed uit de kast te pakken. Dus deze klus stond hoog op mijn lijstje.

Mijn vrije dagen met Kerst gingen lamlendig voorbij. Frank was ziek van zijn nieuwe medicijnen en bracht de Kerst door met een dekentje op de bank. Ik had geen excuus maar lag ook grotendeels op de bank. Met een boek en een dekentje. Afgezien van gourmetten met Michelle en Robby en koffie drinken bij mijn moeder deden we he-le-maal niks. En toen werd het Oud en Nieuw en kreeg ik het ineens op mijn heupen.

Op Oudjaarsdag sleepte ik de loeizware hometrainer uit de opslag in de auto en zette hem thuis in de slaapkamer. Aan het eind van de middag had ik al mijn foto’s uitgezocht en een filmpje gemaakt. Nieuwjaarsdag sliep ik uit en deed ik wederom niks. Maar 2 januari ging ik vrolijk verder. Ik verzamelde alle bende die naar de opslag moest uit ons huis en onze berging, propte alles in de auto en bracht de boel naar de opslag. Alle rotzooi die weg kon, gooide ik in de container. Dat schoot lekker op!

Ik boorde de laatste gaatjes en hing de laatste spulletjes op (inclusief een kek rekje voor boven mijn bureau) en bracht al het gereedschap naar de berging. Ik had nog ruimte over dus borg ik meteen onze kerstboom op. Ik gaf het hele huis een sopje en richtte onze studeerkamer in. Met zo’n mooi plekje was het een koud kunstje om mijn paperassen te sorteren, te scannen en op te slaan en nog snel een achterstallige rekening te betalen. Al finishing touch zeemde ik ook nog even alle ramen. Binnen en buiten.

Klaar! Eigenlijk viel het achteraf gezien allemaal best mee. En, zoals altijd, vraag ik me dan af waarom ik dat niet eerder gedaan heb. Misschien wordt het toch tijd voor een goed voornemen.

2017 – Een jaar in beeld.

Als er iets is, wat ik over 2017 kan zeggen, dan is het wel dat ik me niet verveeld heb. Met Frank 7 weken op de IC van het VU en 7 weken in een revalidatiecentrum kreeg ik daar geen kans voor. Want tussendoor was er ook zoiets als werk en thuis wachtte onze rode-je-weet-kater die ook wel wat extra aandacht kon gebruiken.

Toen Frank dan ook, na een tweede operatie en een paar keer ‘proefverlof’, definitief thuis kwam, keek ik reikhalzend uit naar mijn zomervakantie eind juli. Eindelijk rust, een beetje bijkomen. Ik was er aan toe. Maar toen vond ik toevallig een leuk appartement in een leuk dorpje. En mijn zomervakantie werd een verhuisvakantie.

Dus écht rustig was 2017 niet. Maar toch waren er ook genoeg fijne, lieve en leuke momenten. Spike die op de pyjama van Frank ging slapen toen Frank nog in het ziekenhuis lag. De enorme berg kaartjes, whatsappjes en bezoekjes die we kregen tijdens de eerste moeilijke weken van 2017. De enorme lol die we, ondanks alle ellende, hadden in het revalidatiecentrum met Frank’s medepatiënte S. en haar man W. Inmiddels behoren zij tot onze vriendenkring en spreken we regelmatig wat af.

De dag dat Frank écht naar huis mocht. De bezoekjes aan mijn moeder. Een turnwedstrijd van dochterlief. De uitjes met Mich en Robby. Hun hulp tijdens onze verhuizing. Michelle’s geweldige cadeau voor mijn verjaardag. De laatste mooie, rode zonsondergang vanuit ons flatje in Amsterdam. De verhuizing naar Heemskerk. Ons huisje dat steeds mooier werd. Het verkennen van onze nieuwe woonplaats. Een visje halen op de markt voor de deur.

Gek genoeg gingen we, terwijl we nét in Heemskerk woonden, een paar keer juist terug naar Amsterdam. De toerist uithangen. We gingen mee met een fietstaxi-rit met mijn moeder, die Michelle voor haar regelde. We maakten een boottocht op de Amsterdamse grachten met Frank’s beste vriend. En we vonden het hartstikke leuk maar we waren ook steeds weer blij als we die mooie, blauwe windmolen van Heemskerk weer zagen.

Michelle en Robby gingen op vakantie naar Bali dit jaar. Het voelde een beetje gek dat mijn kind zo lang in de lucht zat. En we vonden het allemaal een beetje spannend omdat Nanuk bij Robby’s oma ging logeren, net als Boef vorig jaar. Maar alles ging goed. Mich en Robby hadden een geweldige vakantie en ook Nanuk had het prima naar haar zin op haar logeeradres, waardoor ze Robby’s oma van een heus trauma bevrijdde.

Dus er was, naast de ellende, ook een hoop moois. En als je me vorig jaar had verteld dat ik Oud en Nieuw 2017, samen met Frank en Spike, door zou brengen in een leuk woninkje in Heemskerk dan had ik je niet geloofd. A: omdat het toen nog maar afwachten was in hoeverre Frank op zou knappen. En B: omdat ik nog nooit van Heemskerk gehoord had. Sterker nog; ik wist niet eens waar Heemskerk lag.

Maar hier zitten we dan. Met olieballen en champagne. In Heemskerk. En als het straks 12 uur is, proosten we. Op ons. Op Mich en Robby. Op alle lieve mensen om ons heen. En we denken aan hen die het minder getroffen hebben dan wij.

2017 was best heftig. Ik kan niet beloven dat ik geen traantje wegpink straks. Maar proosten doe ik zeker. Op een nieuw jaar. Op nieuwe kansen. En als het een beetje mee zit; een beetje rust in de tent. We tellen onze zegeningen en we gaan ervoor!

Wij wensen jullie een hele fijne jaarwisseling en een gezond en gelukkig 2018!

Liefs,
Nicky, Frank en Spike
Michelle, Robby en Nanuk

Kerst 2017

Notitie in mijn agenda:
23 december 2016
Hele dag bij Frank geweest. Veel pijn, borstbeen en ribben zijn gebroken. Slijm ophoesten lukt niet. Misschien door hersenschade? Weten ze niet. Probeert te praten, geeft antwoord op vragen, mompelt veel. Deed mijn hand naar zijn mond en gaf handkus!!! Knijpt in mijn hand en laat los op commando. ‘s Avonds meer medicatie, hoesten gaat beter.

23 december 2017.
Samen in ons nieuwe huisje, lekker op de bank met een dekentje en een spinnende kater aan onze voeten. Ik ben helemaal los gegaan met de kerstversiering. Een grote boom in de kamer, een kleintje bij de voordeur, lichtjes voor de ramen, lichtjes op het balkon. Ik ben nooit een kerst-mens geweest. Maar een kerst doorbrengen in het VU doet wat met je. “Als we dit redden samen” dacht ik “dan zet ik volgend jaar een enorme boom!” En gelukkig is die boom er gekomen. We hebben het gered!

Het gaat redelijk met Frank. Zijn cardioloog is tevreden; met zijn hart gaat het prima. Met zijn gebroken borstbeen en ribben gaat het niet goed. Een van de breuken is niet goed hersteld. De uiteinden van het bot schuiven langs Frank’s zenuwen waardoor hij erg veel pijn heeft en nog weinig kan. De chirurg kan hier niets aan doen dus zijn we doorverwezen naar de pijnpoli. Een zenuwblokkade heeft niet geholpen dus wordt er nu gezocht naar pijnstilling die werkt. Van morfinepillen naar morfinepleisters naar weer andere pillen. Bij alledrie was het middel erger dan de kwaal dus tobben we nog even door.

Maar geestelijk gaat het goed. Frank’s geheugen is vrijwel helemaal terug gekomen. Als vanouds weet hij alle antwoorden als we ‘De slimste mens’ kijken. Bij ‘Twee voor twaalf’ weet hij, net als vroeger, de eerste elf vragen en laat hij de laatste, de muziekvraag, aan mij over. Hij reageert iets emotioneler dan voorheen. Zo snift hij verdacht veel bij het zien van de Kerstreclame van Albert Heijn of een aflevering van ‘All you need is love’. En hij kan enorm schaterlachen om een goede grap.

Het doet me goed om te zien hoe hij geniet van onze nieuwe thuisbasis. Hoe hij knuffelt met Spike. En hoe leuk hij het vindt om een dag in de week op het hondje van Michelle te passen. Als de periode dat hij zo ziek was ter sprake komt, zegt hij “Maar ik ben er nog!” Hij is, ondanks de pijn, blij dat hij er nog is. En ik ook!

Dit jaar vieren we samen Kerst. Met Spike. Met Michelle, Robby en Nanuk. Met mijn moeder. En hopelijk komen we daar nog wat van mijn broers en zussen tegen. We counten onze blessings en gaan er een feestje van maken!

Wij wensen jullie hele fijne Kerstdagen. Geniet van elkaar! x

Als hij dat nou leuk vindt…

Vriendje-lief houdt van gadgets. Sterker nog; hij is stapel-gek op gadgets. Je kunt hem niet gelukkiger maken dan wanneer je hem iets geeft dat een schermpje en knoppen heeft. En voor de grapjassen onder ons; ik bedoel niet de wasmachine. Die heeft-ie al. En hij weet hoe die werkt. Beter dan ik.

Maar hij zou het liefst alles in huis automatiseren. ‘Domotica’ heet dat en dat is écht zijn ding. Regelmatig probeer ik zijn enthousiasme te temperen maar soms glipt er tóch iets onzinnigs ons huis binnen. Zo hebben wij, toch groot vermaak van visite, een pratende tv. En we hebben een heel klein draagbaar telefoontje, dat je met een klemmetje aan je broeksband kunt klemmen zodat je de euh…. dráágbáre telefoon niet mee hoeft te nemen als je naar de keuken loopt.

De praat-functie van de tv gebruiken we nooit. En inmiddels slingeren er zoveel draadloze telefoons in ons huis rond, dat ik -met gemak- in iedere kamer inclusief het toilet een telefoon kan plaatsen. Dus dat kleine draagbare ding hebben we echt niet nodig. Bovendien zijn onze telefoons zijn nou ook weer niet zo loodzwaar dat het onmogelijk is om ze naar een andere kamer te dragen. Totale onzin dus, vond ik. Maar goed, als hij dat nou leuk vindt…

In ons vorige huis kon ik voorkomen dat er een systeem aangeschaft werd om de gordijnen met een afstandbediening open en dicht te doen. Als kleine concessie kwam er wel een installatie waarmee we door middel van een app op onze iPads en telefoons de verlichting kunnen bedienen. Ook onzin, vond ik. Maar ach, als hij dat nou leuk vindt…

Maar laatst kwam er een tv-commercial voorbij van een deurbel die je met je mobiele telefoon kunt bedienen. Dus als je niet thuis bent, kun je -via je mobiele telefoon- toch zien wie er aanbelt. Ik hoorde de enthousiaste kreten van vriendje-lief geduldig aan, rolde met mijn ogen en zuchtte eens diep. Dat hij dat leuk vindt, oké. Maar ik vond het wederom zo’n onzin.

‘Vroeger…’ oreerde ik ‘vroeger was je gewoon niet thuis. Dan belden mensen je op de vaste lijn en als je niet opnam, was je niet thuis en dan hield het op. Tegenwoordig bellen ze naar je mobiel. Iedereen is altijd en overal bereikbaar. Je bent nooit meer ‘niet thuis’. Je hebt nergens meer rust. En ik krijg er een steeds grotere hekel aan. Moet je nou ook nog zien wie er voor je deur staat terwijl je zelf niet eens thuis bent?’

Vriendje-lief zag de bui al hangen en kreeg het donkerbruine vermoeden dat deze totaal nutteloze gadget onze woning nooit zou bereiken. Hij deed hij een laatste poging om mij over te halen. ‘Ja, maar.. ‘ probeerde hij ‘Het is ook handig als je wél thuis bent. Dan kun je zien wie er aan belt!’ waarmee hij totaal voorbij ging aan het feit dat we een intercom mét beeldscherm hebben waarmee we nu al kunnen zien wie er aanbelt.

Geduldig legde ik hem uit dat daar jaren geleden al een uitvinding voor gedaan is. Een vierkant gat in de muur met glas er in. Dat heet een ‘raam’. En daardoor kun je zien wie er voor je voordeur staat. Daarmee geloof ik dat ik deze slag gewonnen heb. Die onzinnige deurbel komt er niet. Ook niet omdat hij dat leuk vindt. Ik vind hem heel lief, hoor. Maar zelfs ík heb mijn grenzen.