Categoriearchief: Dochterlief

Uncle Bob laat de hond uit.

Soms zie je van die mooie foto’s van honden die door de branding rennen. Dat leek me leuk om te proberen, zeg! Een rennende hond in de branding fotograferen! Ik heb alleen geen hond. Maar dat probleem was snel opgelost; want mijn dochter heeft wél een hond. Dus boekte ik haar én hond om op een zondagmiddag een stukje te gaan wandelen.

Ik reed naar hun nieuwe huis in Almere Poort en we gingen met Nanook wandelen langs het IJmeer. Ik was even vergeten dat daar niet echt sprake is van een branding. Dat maakte niks uit eigenlijk. Want als er wel branding was geweest, dan was Nanook daar écht niet doorheen gaan rennen. Ben jij mal? Dan wordt haar buikje nat.

Waar ik ook geen rekening mee had gehouden, was het formaat van Nanook. Een labrador, een herder of een berner sennen maakt natuurlijk prachtig hoge sprongen als-ie rent. Maar onze Nanook is een pomchi. Drie kilo hond. Een dame bovendien, die heel parmantig over het strand trippelt. Bovendien is sprongen maken van een halve meter lastig als je zelf maar dertig centimeter hoog bent. En de vreemde kleur zand maakte het er ook niet beter op.

Spelen met andere hondjes wilde mijn model ook al niet. Hoewel de speelkameraadjes haar formaat hadden, hadden ze niet veel zin om te spelen. Het spel kwam niet echt van de grond. Verder dan wat ongegeneerd kontsnuffelen ging het niet.

Maar ach, het kon me ook eigenlijk niet schelen. Die hele fotoshoot was maar bijzaak geworden terwijl ik al wandelend lekker bij kletste met mijn kind. Ik vergat gewoon dat ik mijn camera bij me had. Voor de vorm maakte ik aan het eind van onze wandeling snel nog wat foto’s van Nanook, rustig zittend op een trapje. En eigenlijk is ze dan ook gewoon op haar allermooist.

Genetisch bepaald.

Zaterdagavond, 12 uur. Ik zat rechtop in bed. De tijd dat ik rond dit tijdstip in een of andere foute kroeg rond hing, ligt ver achter me. Ik ben tenslotte geen twintig meer. Maar slapen wilde ook nog niet lukken. Mijn verkering was al in dromenland. En zelfs onze kat, een nachtdier notabene, lag luidruchtig te snurken. Met de kussens in mijn rug keek ik eens om me heen.

We wonen hier inmiddels drie jaar. Destijds hebben we het oude behang van de muren gehaald, opnieuw behangen en alles gewit. Daarna hebben we de meubels die we hadden binnen gezet en dat was het wel. Niets voor mij eigenlijk. Ik ben dingen snel beu. Ik heb snel genoeg van de kleur van de muren, van de meubels, van de indeling van het huis. Vandaar dat ik zo dol op verhuizen ben!

Nou is verhuizen nog niet echt nodig. Maar de boel een beetje pimpen kan natuurlijk altijd! En hoe doe je dat? Gewoon beginnen met één kamer! Ik zat rechtop in bed, keek om me heen in de slaapkamer en in mijn hoofd begonnen allerlei plannen te borrelen.

Ik keek naar de opberg box die voor het raam staat. Ja, zo’n plastic geval voor tuinkussens. Die staat bij de meeste mensen in de schuur. Bij ons staat-ie in de slaapkamer. Omdat onze Spike er altijd op ligt. Door dat ding kan ik de ladekast naast ons bed bijna niet open maken. En dat idiote raam in de deur van de slaapkamer naar de woonkamer irriteert me mateloos. Al vanaf het begin. Trouwens… de opbergmanden op onze boekenkast zijn ook niet naar mijn zin.

Een half uur later had ik voor alles een oplossing bedacht. De ladekast kan ik verplaatsen naar de studeerkamer. De opbergmanden uit de studeerkamer kan ik omwisselen met die uit de slaapkamer. En de plastic opbergbox moet weg. In plaats daarvan kan ik de dekenkist uit mijn ouderlijk huis opknappen. Die staat nu weg te rotten in de schuur bij mijn moeder en dat vind ik zonde. Bovendien had ik – briljant al zeg ik het zelf – uitgevogeld welke raamloze deur uit ons huis ik om kon wisselen met de deur mét raam in de slaapkamer.

Inmiddels was half een ‘s nachts en ik moest en zou mijn geweldige plannen delen met iemand. Maar mijn mannen waren diep in slaap. Mijn 89-jarige moeder wakker bellen was ook geen optie. Dus zat er maar één ding op: mijn dochter appen!

Ze zou vast al slapen. Maar ik weet dat ze haar telefoon dan op stil zet, dus ik kon haar gerust een appje sturen. Dus om half één ‘s nachts stelde ik een hysterisch appje op waarin ik een opsomming maakte van al mijn wilde plannen en drukte op verzenden. Tot mijn grote verbazing kreeg ik meteen antwoord. Dochterlief stuurde een foto van een soort werktekening. Zij en haar verkering willen op zolder inbouwkasten maken. En mijn kind was doodleuk haar zolder aan het opmeten. Om half één ‘s nachts.

Ik vrees dat ik iets meer aan haar heb doorgegeven dan alleen het gen voor donkere ogen.

Duolingo-fan!

2014: Mangio insalata caprese a Rome

Ik nam me drie dingen voor als mijn kind uit huis zou gaan. 1. Ik zou haar de televisie mee geven en nooit meer tv kijken. Gewoon omdat ik geen tv-liefhebber ben. 2. Ik zou nooit meer koken. Want daar had ik een hekel aan. En 3. Ik zou Italiaans gaan leren. Gewoon voor de lol. Want hoewel ik absoluut niet reislustig ben, heb ik altijd al een zwak gehad voor Italië, zelfs al toen ik er nog nooit geweest was. Ik ben dol op pasta en pizza en ik vind de taal prachtig.

Maar het liep allemaal anders. Want toen mijn kind de deur uit ging, ging ik samenwonen. Met een man die in elke kamer zo’n schreeuwbak had staan waardoor punt 1. meteen sneuvelde. Punt 2. sneuvelde ook. Omdat hij het voor elkaar kreeg om mij te leren koken. Wat best bijzonder is omdat ik, in de jaren vóór ik hem kende, in grote mate verantwoordelijk was voor de stijgende omzetten van bedrijven zoals Knorr, Honig en Maggi. En punt 3. Italiaans leren… Tja, dat kwam er gewoon niet van. Ondanks mijn bezoek aan Rome in 2014,  dat de liefde voor Italië alleen maar aanwakkerde.

En toen kwam Corona. En zelfs voor mij, als rasechte huismus, leverde dat toch tijdswinst op. Al was het alleen maar door het vele thuiswerken, waardoor ik mijn reistijd ineens ‘over’ had. Ik had natuurlijk kunnen gaan Netflixen (Hahaha! Echt niet!) of nieuwe recepten kunnen gaan zoeken. Maar in plaats daarvan ging ik Italiaans leren! Want van dochterlief hoorde ik van het bestaan van Duolingo. Een app op je telefoon om een vreemde taal te leren.

En man, wat is dat leuk! Duolingo is een Engelstalige app. Dat maakt het een tikkie ingewikkeld. Want de vragen die je krijgt, moet je beantwoorden in het Engels. Win-win, vind ik persoonlijk. Want terwijl ik Italiaans leer, spijker ik mijn Engels een beetje bij. Duolingo werkt met hartjes. Elke dag krijg je vijf nieuwe hartjes. Als je een fout maakt, kost je dat één hartje. Als je hartjes op zijn, moet je wachten tot de volgende dag. Maar met iedere opdracht die je doet, verdien je edelstenen. En met die edelstenen kun je nieuwe hartjes kopen. Jippie!

Soms kun je de edelstenen die je verdient, verdubbelen door een advertentie te kijken. Want ja, ook bij Duolingo moet de kachel branden. Maar niemand verplicht je om die halve minuut ook echt te kijken. Je kunt ook even wat drinken. Of gaan plassen. Dan moet je wel heel snel zijn want zo’n advertentie duurt nog geen minuut. En daarna krijg je gewoon een hele schatkist vól met edelstenen!

De lessen zijn een soort eitjes. En je gaat steeds een eitje (un uovo, haha) verder. Soms komen er ineens barstjes in een eitje dat je eerder al gedaan hebt. Dan moet je even terug om dat lesje nog een keer te doen en de barstjes in het ei te repareren. Heel goed natuurlijk, want zo houd je wat je geleerd hebt op peil. Stap voor stap leer je woorden en zinnetjes lezen, luisteren, schrijven én spreken

Inmiddels ben ik helemaal verslaafd aan Duolingo. En ik ben verrukt over de dingen die ik leer. Ik val mijn omgeving constant lastig met mijn Italiaanse weetjes. Want weten jullie dat ‘lui taglia’ ‘hij snijdt’ betekent? Hé! Tagliatelle, weet je wel! Zo grappig! En wijsneuzerig vertel ik mijn omgeving dat een ‘panini’ helemaal geen broodje is. Het zijn er meer dan één! Want ‘il panino’ is ‘één boterham’ en ‘le panini’ is ‘de boterhammen’.

Of wat denk je van ‘farfalle’, de beroemde pasta-strikjes? Dat zijn mooi geen strikjes, hè! ‘La farfalla’ betekent namelijk ‘de vlinder’ en het meervoud is ‘le farfalle’. En kennen jullie die kleine autootjes, meestal rood? De Canta. ‘Canta’ betekent ‘Zingt’. Da’s toch geweldig? En dat ‘la balena’ ‘de walvis’ is, is toch logisch? Tenslotte heeft een walvis…. Juist! Baleinen!

Ik ben al zo ver dat ik niet meer vloek in het Nederlands. Ik vloek tegenwoordig in het Italiaans! Als iets tegenzit, roep ik gewoon keihard ’ La tartaruga mangia una mela!**’ Dat slaat helemaal nergens op maar het bekt zó lekker! En zo leer ik steeds meer.

Mocht je mee willen doen en een vreemde taal willen leren; je kunt ook vriendjes worden op Duolingo. Zoek me even op! Io sono Nicky0607***

* Ik eet salade caprese in Rome.
** De schildpad eet een appel.
*** Ik ben Nicky0607

28!

Lieve Michelle,

Toen jij nog klein was, hoorde ik andere moeders wel eens zeggen dat ze ‘beste vriendinnen’ waren met hun dochter. Dat zag ik persoonlijk niet zo zitten. ‘Beste vriendinnen zijn’ met jou zou mijn machtspositie alleen maar ondermijnen. Ha ha. Ik besloot gewoon je moeder te zijn. Dat scheelde een hoop oeverloos discussiëren. Je had maar gewoon naar mij te luisteren. Omdat ik je moeder ben. Punt uit. Arm kind.

En of het daaraan lag of aan het feit dat we de eerste dertien jaar van jouw leven maar met z’n tweetjes waren weet ik niet. Maar onze rolverdeling pakte goed uit, al zeg ik het zelf. Ik herinner me het afscheid bij school toen je op kamp ging met groep 8. Wat waren je klasgenootjes vreselijk onbeschoft tegen hun moeders! (Oeh! Herinner jij je die grote mond van M. nog?)

Tja, tegen je beste vriendin kun je alles zeggen, nietwaar? Maar tegen je moeder die maandelijks je kleedgeld op je Pennyrekening stort niet. Te midden van al het gezanik en gezeur van je vriendinnen hing jij om mijn nek. ‘Dag, mam! Ik zal je missen, hoor,’ Want ik was tenslotte maar ‘gewoon’ je moeder. Niet je beste vriendin.

Als kleuter fantaseerde je over groot groeien. ‘Later… als ik een méns ben…’ zei je dan. Nu bén je een mens. En wat een leuk mens ben je geworden! Want wat er altijd al was en nu nog steeds, is de lol die we samen hebben. Jij, met jouw droge gevoel voor humor, waardoor ik altijd weer de slappe lach krijg als we samen zijn.

Ik houd van je nuchtere kijk op dingen. En ik bewonder hoe je in het leven staat. Ik herken je gevoel voor rechtvaardigheid. Zo was je al als kind. Jij doet wat goed is. Altijd. Bewondering heb ik ook voor je vastberadenheid. Als jij iets wil, gá je ervoor. Voor de volle honderd procent. Man, daar kan ik nog iets van leren! En ik vind het knap hoe jij altijd weloverwogen keuzes maakt. Al ben je nog zo enthousiast over iets; de ‘voors’ en de ‘tegens’ lijk je altijd op een rijtje te hebben. Met je hoofd in de wolken maar met beide voeten stevig op de grond.

Meestal dan. Want als kind al stond je vaker op je handen dan op je voeten. Dat is zo gebleven. Je appt ons foto’s van jullie verre reizen. En of het nou in New York was, op Bali, in Berlijn of in Vietnam; er is altijd wel een foto bij waar jij weer eens op je handen staat.

Ik ken je voorliefde voor dingen die hard en snel gaan. Toen je drie was, kreeg ik je al met geen mogelijkheid uit de wildwaterbaan in Valkenburg. Keer op keer ging je. Met tante Gerda. Want ik ben niet zo’n held. Daar zat je, in zo’n uitgeholde boomstam, met je wijsvingertje omhoog. ‘Nog één keertje?’ Dappere Dodo!

Het verbaasde me dan ook niks dat ik afgelopen week een appje van je kreeg met de mededeling dat je ging paragliden tijdens jullie vakantie in Oostenrijk. Soms zou ik willen dat je gewoon met een boekje op het strand ging liggen. Maar zo ben jij niet. Jij gaat gewoon lekker van een berg af springen. Maar wat bewonder ik je lef! Ik zou willen dat ik zoiets durfde! 

We zijn inmiddels allebei volwassen. We hebben ‘verantwoordelijkheden’. Banen, huishoudens, vaste relaties en rekeningen die betaald moeten worden. We hebben het allebei druk en zien elkaar niet wekelijks maar we appen ons een slag in de rondte.

We kletsen tegen elkaar over onze mannen en ons Omaatje en we  sturen elkaar de liefste foto’s van onze diertjes. We roddelen over collega’s en sturen elkaar screenshots van de leukste dossiers op ons werk. Geanonimiseerd natuurlijk want we zijn allebei keurige meisjes. En haast elke dag sluiten we de dag af met een appje ‘Weltrusten! Slaap lekker. Luf joe’

Na 28 jaar ben ik nog steeds gewoon je moeder. En jij bent gewoon mijn dochter. Maar jij, mijn lieve schat, jij had zomaar mijn beste vriendin kunnen zijn. En als ik zélf mijn dochter uit had mogen kiezen, zou ik jou gekozen hebben.

Gefeliciteerd met je verjaardag! Maak er een mooie dag van. Het is nog steeds een feest om jouw moeder te zijn! Luf joe! ❤️