Categorie archief: Dochterlief

Nieuwe trend.

Oké, ik ben er natuurlijk helemaal uit. Mijn baby is tenslotte al 27. De tijd waarin kinderen groot gebracht werden volgens de drie R’s (Rust, Reinheid en Regelmaat) was destijds wel voorbij maar echt veel gekkigheid was nog er niet.

De mededeling dat iemand zwanger was kwam gewoon per telefoon of werd persoonlijk gebracht. Social media bestond nog niet. En bevallen deed je destijds gewoon in bed in plaats van in een zwembad of op een krukje. Van babyshowers of gender reveal party’s had nog niemand gehoord. Baby’s sliepen gewoon in hun bedje en je werd niet verketterd als je de keuze maakte om flesvoeding in plaats van borstvoeding te geven.

Maar tijden veranderen. Gelukkig maar, hoor. Mijn neefjes en nichtjes werden nog vervoerd in een reiswieg die los op de achterbank van de auto stond. Toen mijn dochter geboren werd was de Maxi Cosi (een Nederlands onderdeel van een Canadees bedrijf trouwens) net uitgevonden. Het kwam de veiligheid alleen maar ten goede. En zo was er het destijds nieuwe advies om baby’s niet op hun buik te laten slapen. Het heeft het aantal gevallen van wiegendood drastisch doen dalen.

Maar soms kijk ik toch verbaasd op bij het horen van de laatste nieuwe babytrend. Zo hoorde ik vandaag voor het eerst van een babynestje. Een wat? Nou, een babynestje. Wat is in hemelsnaam een babynestje?

Dat is heel simpel uit te leggen. Een babynestje is een kussen met opstaande randen waar je je baby in kunt leggen. In de randen zit een touwtje waarmee je de randen aan kunt trekken zodat ze je baby omsluiten. Dit zou een geborgen gevoel geven omdat het een beetje lijkt op hoe de baby in de baarmoeder zat.

Ik vond, eerlijk gezegd, dat er nogal wat nadelen aan zo’n babynestje zitten. Zo kunnen baby’s er maar een half jaar in. Daarna worden ze te groot. Sowieso mogen baby’s er niet meer in zodra ze zich om kunnen draaien. Dan kunnen ze namelijk stikken. Je moet ook opletten met de touwtjes die er aan zitten (die moeten aan het voeteneinde natuurlijk) want ook dat is gevaarlijk. Je mag je baby dus nooit alleen laten als-ie in zijn babynestje ligt. De baby mag er ook niet de hele nacht in slapen. Hij mag er een klein dutje in doen. Je kunt hem of haar er ook even inleggen als je even je handen vrij wilt hebben.

Ik had daar vroeger iets anders voor. Een houten bak met tralies. Dat heette een box. Als ik even iets moest doen, legde ik mijn uk daar in. Heel handig! Ze mocht er niet de hele nacht in slapen. Maar een klein dutje kon wel. Er zaten geen touwtjes in waar ze in kon stikken. En ze paste er ook heel lang in. Toen ze anderhalf was, zat ze er nog wel eens in. Kon ze veilig spelen terwijl ik de wc sopte of zo.

Nieuwsgierig geworden Googlede ik toch even op ‘babynestje’. Bij de firma Bol.com worden babynestjes verkocht. De goedkoopste kost € 30,-. De duurste maar liefst € 179,-! Natuurlijk moet iedereen helemaal zelf weten waar hij of zij zijn baby in stopt. Maar in dit geval zou ik gaan voor de dierenmand bij dezelfde firma. Dan ben je voor € 8,75 klaar. En er zitten geen gevaarlijke touwtjes aan!

2019 – Een jaar in beeld.

2019 was het niet helemaal. Of eigenlijk helemaal niet. In januari overleed mijn oudste broer en in de rest van 2019 waren er al die momenten dat ik hem vreselijk miste. 

Als ik, onderweg naar Breda, de Brabantliner zag rijden waarop hij zolang chauffeur was. En ik niet in hoefde te halen om te kijken of hij achter het stuur zat. De zondagmiddagen aan de koffie bij mijn moeder. Met zijn lege stoel. Het gras in haar achtertuin dat sneller groeit dan wij kunnen maaien. En mijn moeders 88ste verjaardag, waarbij mijn broer door zijn afwezigheid meer aanwezig was dan ooit. Wat wordt-ie gemist.

Gelukkig waren er ook genoeg leuke dingen. Omdat het jaar zo rot begonnen was, trakteerden Michelle en Robby ons op een high tea. Zij zagen ook dit jaar weer flink wat van de wereld, die twee. Via Whatsapp genoot ik mee van al het moois dat ze zagen. En tussendoor tekenden ze ook nog even het koopcontract van het spiksplinternieuwe echte grote-mensen-huis waar ze volgend jaar gaan wonen.

Frank had goede en slechte dagen dit jaar. We profiteerden van de goede dagen door uitstapjes te maken. Naar mijn nichtje Gerdine, in Oudewater. Naar Leiden, waar we eindelijk Emile weer eens ontmoetten. We kregen oude vrienden op bezoek en we lunchten op het strand. We pasten op Nanook. We knuffelden onze Spike. We vierden een lange, warme zomer op ons balkon. 

Ik ging een weekendje naar Groningen met Michelle. Mijn moeder kwam logeren en we waren bij de bruiloft van onze liefste vrienden, waar ik zelfs de ringen aan mocht geven. ❤️ We vierden Kerst bij mijn moedertje, waar ik samen met mijn jongste broer en zijn ex-vrouw (als dát geen mooie Kerstgedachte is… ) een heus Kerstdiner organiseerde. 

En daar tussendoor fladderde steeds weer mijn allerliefste dochter. Die zo lekker blijft turnen op haar ‘oude dag’. Die zo lief voor haar Omaatje is. En die mij, met haar gekke fratsen, ondanks alles toch altijd weer aan het lachen maakt.

Ondanks al dat moois ben ik wel klaar met 2019.
Weg ermee!
Op naar 2020! 

Ik wens jullie een hele goede jaarwisseling en een gezond en gelukkig 2020!

Naar de bios.

De voorbereidingen voor Kerst zijn in volle gang en ik ben, zoals gewoonlijk, druk druk druk. En tussen alle voorbereidingen, werkverplichtingen en zoektochten naar recepten door, probeerden dochterlief en ik al een hele tijd een afspraak te plannen om samen naar de film te gaan. 

Maar ook zij is druk druk druk. Met dezelfde dingen als ik. We hebben een afspraak ‘in potlood’ in onze agenda’s gezet voor de vrijdag na Kerst. Misschien lukt het die dag, als er niks dringends tussen komt. En er moet ook nog een leuke film draaien. ‘Last Christmas’ is misschien wel wat. Maar dat zien we dan wel. 

Vrijdagavond zag ik ergens de trailer van de film Cats voorbij komen. Ik appte Mich. ‘Is dit wat? Of is dat te snel?’ Tenslotte zijn we pas een jaar geleden naar de musical Cats geweest. Misschien zou nóg een keer Cats teveel van het goede zijn.

Zaterdag hadden wij een etentje bij vrienden. Als aardigheidje had ik hun trouwfoto’s achter elkaar gemonteerd en hun favoriete muziekje er onder gezet. Maar een uur voor vertrek kwam ik er achter dat het filmpje haperde en ik hem opnieuw op moest slaan. Dikke vette stress! 

Terwijl ik zat te prutsen met mijn filmpje appte Mich. ‘We kunnen ook zondag naar de film?’ En ze stuurde screenshots met tijden. Met een half oog, scrollde ik door de appjes terwijl ik ondertussen mijn filmpje probeerde te fixen. Snel appte ik terug ‘Regel maar wat. App maar waar ik moet zijn en hoe laat’. 

De appjes die daarna binnen kwamen zag ik ook maar half. Ik had Veel Belangrijkere Dingen te doen. Uiteindelijk lukte het me om het filmpje op tijd in orde te krijgen.  We hadden een gezellige avond bij onze pas getrouwde vrienden en ze waren blij met hun filmpje.

Zondag checkte ik de locatie waar ik verwacht werd voor mijn afspraak met Michelle en zorgde dat ik op tijd op de afgesproken plaats stond. We kletsen gezellig bij terwijl we lunchten en wandelden, verder kletsend, naar de bioscoop. Michelle had al kaartjes geregeld, we hoefden alleen nog maar iets te drinken en te snacken te halen (snacken nét na de lunch is geen probleem voor ons). Daarna wandelden we door naar de zaal.

We passeerden een filmposter van de film Last Christmas – met muziek van George Michael. ‘Die wil ik toch ook nog wel een keer zien’ zei ik. Naast me klapte Michelle dubbel van het lachen. ‘Naar welke film dacht jij dat we gaan?’ vroeg ze. ‘Naar ‘Cats’ toch?’ antwoordde ik. 

‘Last Christmas’ dus. We hadden al anderhalf uur zitten ouwehoeren maar de film die we zouden gaan zien was niet ter sprake gekomen. Een afspraak maken met mijn dochter om naar de film te gaan en vervolgens bij een compleet andere film terecht komen. Ik kan dat. Iets met druk druk druk. En een blindelings vertrouwen hebben in de regelkunsten van mijn dochter.

De film was leuk, trouwens. Leuk om de muziek van Sjors – voor wie ik nog steeds een zwak heb – weer eens te horen. De plottwist in het verhaal zag ik echt niet aankomen. En ja, ik heb gehuild. Wat overigens niks zegt omdat ik al jank bij de Jumbo Kerstreclame. Maar mocht je nog een gaatje in je Kerst-agenda overhebben voor een echte Kerstmis-feelgoed-movie, dan kun je deze gerust gaan kijken.

Ik duik de keuken weer in. Ik wens jullie allemaal hele fijne Kerstdagen!

27 – Even opscheppen.

Ik was net 23 toen ik moeder werd. En nee, dat was niet de bedoeling dus de situatie was verre van ideaal. De vader in kwestie was, op zijn zachts gezegd, niet enthousiast. Dus ik wist dat ik er alleen voor stond. Mijn flatje, met maar één slaapkamer, was te klein. Mijn banksaldo niet riant. En ik had een baan in een andere stad die het onmogelijk maakte om een kind op tijd bij een opvang te dumpen om naar mijn werk te gaan.

Maar vanaf het allereerste moment dat ik wist dat ze op komst was, telde maar één ding. ‘Kan ik een kind een leuk leven geven?’ En ik had er het volste vertrouwen in dat ik dát kon. Dan maar alleen. Dan maar arm. Ik wist zeker dat het goed zou komen. Maar voor de zekerheid nam ik mijn voorbereiding zéér serieus. Ik nam een abonnement op ‘Kinderen’ en ‘Ouders van nu’ en ik las elk exemplaar van voor naar achter om me voor te bereiden op wat komen ging.

En toen werd mijn dochter geboren. En ik was zó enorm blij met haar dat ik dagenlang door mijn huis stuiterde en permanent op een roze wolk zat.  ‘s Morgensvroeg wachtte ik de kraamverzorgster op met vers gezette thee terwijl mijn baby – al fris gewassen en gevoed – tevreden in haar bedje lag. ’Doe eens rustig!’ maande mijn familie als ik weer eens niet naar bed wilde om te rusten. ‘Straks krijg je een terugslag’. Maar ik stuiterde vrolijk verder en die terugslag kwam nooit. Ik was niet van mijn roze wolk af te rammen. Sterker nog; 27 jaar later zit ik er nog steeds bóven op.

Nieuwe exemplaren van ‘Ouders van nu’ en ‘Kinderen’ mikte ik ongelezen in de papierbak. Ik deed alles op gevoel. Ik vond een groter huis. Een baan vlak bij huis. En het opvoeden van mijn dochter ging vanzelf. Omdat ze zo’n gigantisch makkelijk kind was. Zoals mijn dochter was, had ik er wel tien groot kunnen brengen. Met twee vingers in mijn neus. In mijn eentje. Van kleuter- naar lagere- naar middelbare school. Naar de universiteit. Geen enorme problemen.

We boften met lieve familie om ons heen. Mijn vader, broers en zwager die nooit te beroerd waren om te klussen bij ons. Mijn moeder die ons hondje tussen de middag uit liet en mijn zus die, tot vervelens toe, op mijn kind paste terwijl ik wanhopig probeerde mijn enige serieuze relatie in die tijd bij te benen terwijl hij nog volop in zijn uitgaansfase zat.

En natuurlijk was het niet altijd pais en vree. ‘Wat ben jij consequent!’ roemden vrienden. Maar de waarheid was dat ik vooral ongeduldig was. Ze moest gewoon luisteren. En bij gebrek aan ‘Van papa mag het wel’ was moeders wil altijd wet. Arm kind. En arme ik. Want hoe geweldig het ook ging, de schuldgevoelens stapelden zich op. Omdat ik volop fouten maakte.

Zoals die keer dat mijn zus mijn zes-jarige midden in de nacht onder de douche schoonpoetste. Omdat ze ziek werd tijdens de zoveelste logeerpartij en zichzelf gigantisch onder had gespuugd, terwijl ik in een of andere foute kroeg hing met eerder genoemd vriendje (‘Maar, tante Tina! Ik wilde niet op je vloerbedekking spugen dus ik was maar plat op bed blijven liggen’).

Of die keer dat mijn elf-jarige dochter, in volledige party-outfit, hartverscheurend huilend op bed lag omdat ze niet naar een bepaald feestje mocht. Ik heb nog een jaar lang met tegenzin het shirtje gestreken dat ze toen droeg. Omdat het me herinnerde aan die ene gigantische ruzie. (‘Oeh, mam!’ zegt ze nu ‘Dat was fout volk! Ze lieten die kinderen gewoon bier drinken!’).

En de aller-ergste: ik sleepte dat arme kind als puber mee naar Amsterdam, weer mee terug naar Breda en wéér mee naar Amsterdam zodat ze drie keer van middelbare school wisselde. En als klap op de vuurpijl bracht ze haar eindexamentijd grotendeels alleen door omdat ik al een baan in Amsterdam had en zij nog in Breda naar school moest. Ik had inmiddels een berg schuldgevoelens van heb ik jou daar.

Maar dat arme kind heeft nooit geklaagd, nooit gezeurd. Met angst en beven wachtte ik op haar puberteit. Ooit moest dat voorbeeldige meiske toch ontsporen? Maar dat gebeurde niet. Ze dronk niet, rookte niet, kwam nooit te laat thuis en was een voorbeeldige leerlinge. Zo rond haar 24ste begon ik voorzichtig opgelucht adem te halen. Dochterlief was – al lang – financieel onafhankelijk. Had haar middelbare school en twee universitaire studies succesvol afgerond. Bovendien had ze een vaste relatie en woonde ze samen. Een hele geruststelling; mocht ze alsnog ontsporen dan was dat zíjn pakkie an.

Toch bleven de schuldgevoelens knagen. Tot ik 50 werd. En van mijn dochter het boekje ‘Lieve Mama’ kreeg. Helemaal vol geplakt met grappige, lieve en mooie foto’s. En nog mooier; helemaal volgeschreven met verhalen over hoe zij haar jeugd beleefd heeft.

Steeds opnieuw pak ik het boekje en bekijk ik de foto’s. Steeds opnieuw moet ik lachen om alle grappige herinneringen die we delen. En steeds opnieuw pink ik een traantje weg om de mooie dingen die ze over mij schrijft. Want wat blijkt? Ze heeft het léuk gehad vroeger! Ze is niets te kort gekomen. Alles kon, iedereen was altijd welkom. Dat vond ze fijn. Oké, mijn kookkunsten waren niet je-van-het, maar ze snapt wel dat ik weinig tijd had om te (leren) koken. En ze waardeert zelfs de 4.895 tentjes die ik in haar jeugd voor haar gebouwd heb!

Ergens aan de andere kant van de wereld, samen met haar Robby op reis in Vietnam, viert mijn dochter vandaag haar 27ste verjaardag. En ik ben oneindig trots op haar. En ook op mezelf. Ik moest er 50 voor worden maar ik heb het nu zwart op wit! Ik ben een leuke moeder! We hebben het geflikt samen, zij en ik. En niet in de laatste plaats omdat zij zo’n geweldig leuk kind is.

Lieve Michelle, gefeliciteerd met je verjaardag!
Het is – nog steeds – een feest om jouw moeder te zijn. ❤️