Audiotour.

Gisteren kwam een goede vriend uit Breda op visite. Onze vriendschap dateert zo ongeveer uit de tijd dat Doe Maar op nummer 1 in de top 40 stond, ik mijn haar toupeerde en pastelkleuren en plastic oorbellen droeg. De laatste jaren verwaterde ons contact maar onlangs hebben we onze vriendschap weer nieuw leven ingeblazen.

Om die hernieuwde vriendschap te vieren besloot ik hem uit te nodigen voor de tentoonstelling over de Titanic in de Amsterdam Expo. Tenslotte ben ik met hem destijds (in 1997) naar de film Titanic geweest. Het was de eerste film die ik zag op groot scherm in de mega-bioscoop in Antwerpen. Ik moet eerlijk zeggen dat ik blij was dat die boot eindelijk begon te zinken want het eerste stuk van de film vond ik nogal saai. Maar toen het eenmaal fout ging, vond ik dat behoorlijk indrukwekkend.

Net zo indrukwekkend als de tentoonstelling. Indrukwekkend om de spulletjes te zien die de passagiers bij zich hadden. Met zorg in gepakt voor hun reis die zo gruwelijk eindigde. Bizar om de gebruiksvoorwerpen te zien die zoveel jaren diep in de doodstille zee gelegen hebben. Het serviesgoed, het geld, de kleding en het voetstuk van de cherubijn die ooit de wacht hield bij die prachtige trap. Vergane glorie in de ruimste zin van het woord.

Er waren twee kleine minpuntjes. Aan het begin van de tentoonstelling liepen we door een gang die na gemaakt was naar het voorbeeld van de Titanic. Zo’n gang waar je Rose (Kate Winslet) door heen ziet rennen in de film. Zo was het dus. Zo zag het er uit. In het echt.

En wat doe je dan? Dan maak je een foto natuurlijk. Waarop er meteen een dame naar me toe kwam rennen. Alsof ik een doodzonde beging. “Mevrouw! Mevrouw! U mag hier géén foto’s maken!” Oh sorry, hoor. Dat je in een zaal met authentieke voorwerpen niet mag fotograferen kan ik me voorstellen. Maar in zo’n nagemaakt gangetje? Kom op, zeg! Maar ach, het leed was al geschied; ik had mijn foto al*!

Tweede minpunt was de audiotour. Tegenwoordig is dat heel normaal. Bij elke tentoonstelling krijg je zo’n kastje mee met een koptelefoon. Kun je bij elk tafereel luisteren naar het verhaal wat er bij hoort. Meestal moet je ervoor betalen dus weiger ik sowieso. Maar deze keer was de audiotour gratis. Wat dan toch weer een pluspunt is, mocht je een audiotour willen.

Ik vind het verschrikkelijk. Zo ongezellig, zo eenzaam. Dan loop je door die tentoonstelling met je koptelefoontje. Je moet kijken, luisteren en lezen tegelijk. Terwijl je daarmee bezig bent, verlies je je gezelschap uit het oog. Halverwege zoek je elkaar weer op. ‘Jeetje! Ben jij daar al? Ik ben pas bij 17!’ Waarna je weer verder loopt met het geluid van een vreemdeling in je oor.

Als zombies lopen de bezoekers rond. In hun eentje. Met een koptelefoontje op hun hoofd. In hun eigen wereld. Toen ik zag dat er een kok aan boord was uit Groningen die ‘Bolhuis’ heette, wilde ik vertellen dat ik een collega heb die ook zo heet. Én uit Groningen komt. Maar ja, iedereen had zijn koptelefoon op. Halverwege ben ik gestopt met luisteren.

Ik wilde wijzen. En ‘Oh’ en ‘Ah’ zeggen. En vragen ‘Wist jij dat?’ Gelukkig aten we samen nog een broodje na afloop en kon ik alsnog vertellen over mijn collega en ‘Oh’ en ‘Ah’ roepen. Maar toch: wat haat ik audiotours!

Afgezien daarvan; ik vond het een prachtige tentoonstelling. Een aanrader. En of je naar zo’n audiotour luistert moet je natuurlijk helemaal zelf weten.
Het is gelukkig niet verplicht!

* En ja, hoor! De verboden foto prijkt pontificaal boven aan dit logje. Als iemand er bezwaar tegen heeft, hoor ik het wel!

4 gedachten over “Audiotour.

  1. Leidse Glibber

    Goed gedaan Nicky 🙂 Zo’n audiotour is voor mij ook een hele toer. Zoals je zegt als zombies loopt iedereen rond en persoonlijk contact lol en emotie zijn weg lijkt het wel. Maar het lijkt mij wel mooi daar, wist niet dat het er was.

    Reageren
  2. Sally

    Ik heb nog nooit een audiotour meegemaakt. Ga ook niet zo veel naar musea of tentoonstellingen en als ik iets bezoek is er altijd een gids die de gewenste taal spreekt. Vind ik ook gezelliger en is goed voor de werkverschaffing. Zo’n ding op je kop/oren lijkt me idd helemaal niets en een stuk saaier.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.