Mijn man heeft een hobby.

En toen was Frank ineens zover opgeknapt dat het tijd werd om een hobby buiten de deur te zoeken. Maar wat? Hij houdt van lezen en computeren maar ik wilde hem juist het huis uit krijgen. Een meisje wil tenslotte ook wel eens het rijk alleen hebben. Ik probeerde hem enthousiast te krijgen voor modelvliegen maar dat lukte niet. En de workshop Indisch koken vond hij, jammer genoeg, ook al niks.

Nou wil het toeval dat we vlak bij Fort Veldhuis, een luchtoorlogsmuseum, wonen. Frank is erg geïnteresseerd in de Tweede Wereldoorlog, in vliegtuigen en de combi daarvan dus brachten we vorig jaar al eens bezoekje aan het museum. Het museum, geheel gerund door vrijwilligers, is niet heel groot, maar de collectie is indrukwekkend. En ook de locatie van het museum, gevestigd in een fort, maakt het toch wel heel speciaal.

Fort Veldhuis werd gebouwd in 1893 als onderdeel van de Stelling van Amsterdam. De Stelling van Amsterdam is een 135 kilometer lange kring van forten en vestigingen die gebruikt konden worden om Amsterdam te verdedigen door een groot gebied om de stad onder water te zetten om zo vijandige troepen te hinderen. Maar doordat de techniek zich razendsnel ontwikkelde had de Stelling van Amsterdam toen hij nét klaar was, eigenlijk al geen nut meer. Inmiddels werden er vliegtuigen gebruikt, en was het onderwater zetten van land niet zinvol meer.

Door de jaren heen waren er soldaten gelegerd in Fort Veldhuis. Tot de Tweede Wereldoorlog Nederlandse bataljons. Tijdens de Tweede Wereldoorlog Duitse soldaten en na de Tweede Wereldoorlog werd het een ‘Bewarings- en verblijfkamp’ voor foute Nederlanders zoals NSB-ers en zwarthandelaren. Daarna werd het een opslag voor militair materieel totdat het fort tenslotte in 1989 in gebruik werd genomen als museum.

En natuurlijk waren we onder de indruk van de collectie. Stille getuigen van wat er in de omgeving van het fort allemaal gebeurd is tijdens de oorlog. Maar meer nog waren we onder de indruk van de Stichting Aircraft Recovery Group die het museum beheert. Zij hebben als doelstelling het opsporen van vliegtuigen en hun bemanning die tijdens de Tweede Wereldoorlog vermist zijn geraakt.

Veel van die toestellen zijn neergestort in het IJsselmeer en het Markermeer en nooit geborgen. De stichting spoort de vliegtuigen op, duikt wrakstukken op en zorgt dat nabestaanden van de bemanning ingelicht worden over het lot van hun geliefden. Ook proberen zij de betrokken gemeenten zover te krijgen dat de vliegtuigen alsnog geborgen worden. Zodat de mensen die hun leven gegeven hebben voor onze vrijheid alsnog een laatste rustplaats krijgen.

Om een steentje bij te dragen werd Frank bij ons eerste bezoek aan het museum meteen donateur van de stichting waardoor we vanaf dat moment vrij toegang hebben tot het museum. Om de stichting toch nog een beetje te financieren nu we geen entreegeld meer hoeven te betalen, lopen we af en toe binnen om even koffie te drinken. Met appeltaart. Om de kas te spekken.

Toen we een tijdje terug weer eens binnen liepen voor een bakkie, spotte ik een heuse Fort Veldhuis-vrijwilliger aan tafel. ‘Ga maar alvast zitten, dan haal ik wel koffie’ zei ik en ik dirigeerde Frank naar de tafel waar de vrijwilliger zat. En eenmaal aan de koffie knoopte ik een praatje aan en vroeg wat de vrijwilligers zoal deden. Allerlei werkzaamheden natuurlijk. Van vliegtuigonderdelen schoonmaken tot het uitzoeken van de vele giften die het museum krijgt. Van technische klusjes tot rondleidingen geven. Alles wat maar nodig is om het museum draaiende te houden. En jawel! Bingo! Frank was meteen enthousiast en meldde zich die zelfde week nog aan als vrijwilliger.

Wat volgde was een uitnodiging van de voorzitter van de Stichting om eens te komen praten. Ik ging mee, puur als chauffeur. Tenslotte zou dit Frank’s nieuwe hobby worden. En niet de mijne.

Maar man! Wat was het moeilijk om me te beheersen! Een avond lang zaten we te praten. Over de plannen voor het museum. Over hoe het zo gekomen is, over wat ze nog willen bereiken met de Stichting Aircraft Recoverygroep. En door het enthousiasme van de voorzitter die met zoveel passie en met zoveel energie blijft zoeken naar vliegtuigen en blijft vechten om die vliegtuigen geborgen te krijgen, kostte het met me moeite om me niet óók aan te melden als vrijwilliger.

Maar ik heb me weten te beheersen. Ik heb me niet aangemeld om in de kantine te staan. Of om teksten te schrijven. En ook niet als penningmeester. Tenslotte is dit Frank’s nieuwe hobby en niet de mijne. Hij is inmiddels, met veel plezier, druk bezig met het opzetten van een archief en een bibliotheek. En het zou best stom zijn om de ‘home alone’-tijd die ik zo graag wilde, te besteden aan zíjn nieuwe hobby. Ik beperk mezelf tot het maken van foto’s van het fort. Ook leuk.

7 gedachten over “Mijn man heeft een hobby.

  1. Saskia

    Ahh wat super fijn dat hij op deze manier weer lekker bezig kan gaan zijn!<3 Super fijn te horen dat het een stuk beter gaat. Wens hem veel plezier!

    Reageren
  2. leidseglibber

    Oh wat leuk en nuttig. Ik ben daar ooit eens geweest ik denk al ruim 15 jaar geleden of zo toen mijn nichtje nog in Heemskerk woonde. Dit zijn leuke en nuttige hobby’s. Denk dat Frank het helemaal naar zijn zin gaat krijgen en wie weet leuke aanleiding om eens langs te gaan.

    Reageren
  3. Villasappho

    Je man heeft een leuke hobby dus. Het is jammer genoeg wat ver weg anders wa sik ook de ‘kas gaan spekken’. Ik zet het toch even op mijn lijst voor als ik onverhoopt in de buurt ben.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.