Categoriearchief: Dochterlief

Uncle Bob ging naar buiten.

Het is lente, zegt men. Maar ik merk daar bitter weinig van. Ik loop nog in mijn winterjas. Smeer mijn handen nog steeds in met handcrème en ik draag mijn sloffen nog. Maar belofte maakt schuld. Dus ik trotseerde de bittere kou afgelopen weken en ging voor jullie op pad. En het viel niet mee, jongens.

Allereerst was daar Liesbeth. Die wilde een foto van een oorlogsgraf zonder dat de naam zichtbaar zou zijn. Nou zijn hier prachtige oorlogsgraven. En ik deed een poging om die te fotograferen met de kerktoren op de achtergrond. Dat lukte me niet. Zelfs niet toen ik languit voor de graven op de grond ging liggen, mompelend ‘Sorry, jongens’. Geheel per toeval stuitte ik wel op een ander graf. Oud en niet goed onderhouden. Omringd door onkruid en dorre takken. En een knalrode tulp. Ik vond het een mooi beeld. Symbolisch voor hoe het leven door gaat, ondanks alles. Is deze ook goed, Liesbeth? Als goedmakertje heb ik nog een treinfoto voor je. Gemaakt met mijn mobiel bij gebrek aan camera op station Uitgeest.

De foto voor Rietepietz moet nog even wachten. Ik hoop op een mooie rode avondlucht.
De foto voor Sandra ook. Ik heb mijn favoriete buurtkat – een mooie rooie – nog niet gezien. Ik hoop dat-ie nog leeft.

Mijn favoriete dochter Michelle wilde een lammetje. Dus ik ging op zoek. De zon scheen zowaar een beetje en er waren lammetjes. Veel zelfs. Moeders had het druk met haar kroost die gelijktijdig kwam drinken. Het deed met denken aan haar overgrootmoeder, die een tweeling kreeg – haar oma en haar oud-tante – en het daar ook vast heel druk mee heeft gehad. In een tijd zonder wasmachines en drogers, zonder stofzuigers en centrale verwarming. Maar ze fixte het! Ze bracht al haar tien kinderen groot tot verantwoordelijke mensen. Harde werkers, fijne mensen. Ze zijn allemaal goed terecht gekomen.

 

Veronique moet ook nog even wachten. Ik loop nog steeds diep weggedoken in mijn jas dus er is me nog niet veel opgevallen.
Rianne, ik weet een mooie boom. Of die header denk ik nog even na. Maar ik denk dat het die boom wordt. Moet er wel een zonnetje schijnen.

Mara had ook een leuk idee. Een pareidolie beeld. Ik ben nog aan het zoeken. Ik ben tot nu toe niet verder gekomen dan een stopcontact. En dat vond ik zo afgezaagd dat ik je dat niet aan wilde doen.

Voor Emile en Willemijn heb ik de lente opgezocht. De krokusjes in de zon bovenaan zijn voor jullie.

Ik weet het; het is een magere oogst. Maar het is echt nog veel te koud voor mij.
Volgend weekend! Dan komt het kwik boven de twintig graden en dan trek ik er écht op uit! Wordt vervolgd…

Druk, druk, druk.

Nee, ik liep niet constant buiten met mijn camera. Maar ik had het wel druk. Zo druk dat ik niet eens tijd had om een blogje te schrijven. Nou ja, die tijd had ik kunnen nemen. Maar er waren te veel leuke dingen die me bezig hielden. En dat is goed. Het druk hebben met goede dingen is altijd goed. Wat deed ik dan zoal?

Ik ging pannenkoeken eten met de liefste ex in Hillegom. Nou ja, hij dan. Want ik houd niet van pannenkoeken. Ik koos een Hillegomse lunch. Twee sneetjes brood met twee kroketten. Allebei een kopje koffie erbij. Blijft schokkend hoe duur de horeca eigenlijk is. Ik moest € 33,- afrekenen. Maar ach, het was een lunch ter ere van mijn moeder, betaald van haar erfenis. “Och, je moedertje” zei Frank. Dat vond ik lief. Want hij noemde haar altijd zo.

Ik bezocht de liefste ex-schoonzus. Zij heeft een nieuwe hobby: kaarsen maken! En de planning was dat we samen kaarsen zouden maken. Maar we lunchten eerst samen, kletsten vijf kwartier in een uur en maakten samen uiteindelijk maar één enkele kaars. Maar dat mocht de pret niet drukken; het was gezellig. En die ene kaars was werkelijk fantastisch goed gelukt.

Michelle en Robby kwamen op bezoek. Ik wilde hen mee uit eten nemen, ook uit naam van mijn moeder. Aangezien ik dat niet van te voren gezegd had was Michelle in haar ‘hang-op-de-bank-pak’. Tenslotte kun je zo prima bij je moeder aankomen. Maar ze wilde absoluut niet in ‘hang-op-de-bank-pak’ in een restaurant gezien worden. Niet zo’n probleem. We lieten maaltijden thuisbezorgen en aten die op zoals het hoort als je in je ‘hang-op-de-bank-pak’ bent; op de bank voor de tv. Het smaakte er niet minder door.

Ik had een etentje met mijn ex-collega’s van het bedrijf waar ik zolang werkte. We waren directe collega’s en een verdraaid goed team, al zeg ik het zelf. Aan ons heeft het niet gelegen dat de toko nu echt officieel failliet is. Het deed toch een beetje pijn om het zwart op wit te zien staan. We spaken af bij de ene ex-collega en de andere was zo lief mij op te halen op station Sloterdijk. Ik kon het niet laten; ik liep naar het oude kantoor en gluurde door het raam. Mijn bureau stond er nog. Alsof ik morgen gewoon weer in zou kunnen loggen. Zo gek! Maar het was fijn om even bij te kletsen met mijn mede-secretaresses. Het gaat goed met ons. En dat is het belangrijkste.

Ik deed iets wat ik al heel lang van plan was. Ik kijk graag voetbal op tv en ik riep al heel lang dat ik ooit eens een wedstrijd in het echt wilde zien. Nou lijkt een ‘echt’ stadion best indrukwekkend voor de eerste keer dus ik besloot klein te beginnen. Ik keek een wedstrijd van Jong Ajax in De Toekomst. Lekker klein, lekker overzichtelijk. En ik vond het hartstikke leuk! En hoe het ook zou lopen; ze speelden tegen NAC uit mijn hometown dus voor mij was elke uitkomst goed. NAC won met 0-1.

Mijn beste vriendin en haar man kwamen op visite. Ik dook weer eens de keuken in. En hoewel ik al een tijdje niet meer zelf kook, bleek ik het nog wel te kunnen. Ik maakte bami met foe young hai. En als ik de gasten moet geloven, smaakte het prima. We maakten er een gezellige avond van. Hoewel we elkaar heel vaak spreken via beeldbellen is het toch extra fijn om gewoon samen aan tafel te zitten.

Tussendoor waren er nog heel veel avondjes waarin ik uren aan de telefoon hing om bij te kletsen met familie en vrienden. En oh ja! Ik keek ook nog een film. Daarnaast ging ik heel af en toe al voorzichtig op pad om foto’s voor jullie te verzamelen. Dus even geduld nog; er wordt aan gewerkt! Ik zal wel moeten, trouwens. Want als ik zo zie wat ik allemaal opgegeten heb, mag ik wel weer eens aan de wandel.

Lang weekend.

Vanaf het moment dat mijn dochter naar school ging, was ik op woensdagen vrij. Dat was gewoon heel praktisch omdat ze op woensdag maar een halve dag naar school hoefde. En die woensdagochtenden waren lekker! Het was fijn om niet te hoeven werken én de ochtend voor mezelf te hebben. Ik maakte er vaak een feestje van. Als ik mijn dochter naar school gebracht had, deed ik boodschappen. En dan haalde ik voor mezelf een croissantje als ontbijt. (Sorry, Mich…). Soms kroop ik zelfs terug in bed om nog even een tukkie te doen. Of ik las de hele leesmap uit terwijl ik koffie dronk.

Als ik Michelle opgehaald had van school, deden we niet veel bijzonders. Ik denk dat we naar de bibliotheek gingen. Of dat er vriendjes of vriendinnetjes kwamen spelen. Maar echt heel bijzonder was het niet. Gewoon lekker thuis. Soms een filmpje, soms knutselden we. Soms speelde Michelle in de tuin. Ik herinner me vaag dat we op woensdagmiddag altijd wel iets lekkers aten bij de lunch. Broodjes met knakworstjes of zo. Of het écht zo was of dat ik dat soort huiselijke dingen alleen van plan was, kan ik me niet eens meer herinneren.

Michelle groeide groter, ging  naar de middelbare school en was niet meer op woensdagmiddag vrij. Maar woensdag bleef mijn vrije dag, zelfs toen ik wisselde van woonplaats en van baan. Zelfs toen Michelle ging studeren en op zichzelf ging wonen. Op woensdag vrij is gewoon lekker. Je hoeft altijd maar twee dagen te werken en dan ben je alweer vrij. Bovendien vallen veel feestdagen op maandag en ben je met één snipperdag lekker lang vrij. En als ik bij een nieuwe werkgever begon, was er altijd die optie om vier dagen te werken én op woensdag vrij te zijn.

Tot ik bij mijn huidige werkgever in dienst kwam. Er waren al veel mensen op woensdag vrij. Mensen met schoolgaande kinderen. Dus koos ik een andere dag. Het werd de maandag. Ik verwachtte dat ik enorm zou moeten wennen na 27 jaar ‘op woensdag vrij’. ‘Als ik er woensdag niet ben, moeten jullie me even bellen’ grapte ik tegen mijn nieuwe collega’s. En zij beloofden op hun beurt om me naar huis te sturen als ik op maandag op het werk zou verschijnen.

Eigenlijk is die maandag vrij extra lekker omdat iedereen tegen de maandag aan zit te hikken en ik dan lekker nog een dagje vrij ben. Ik, daarentegen, hik een tikkie tegen de dinsdag op. Maar niet zo heel erg, want tenslotte heb ik na vier dagen werken een lang weekend. Alwéér! Ik was er binnen no time aan gewend en heb me nog niet één keer vergist. En ach, die eerste Paasdag en eerste Pinksterdag neem ik op de koop toe.

Als ik wil, kan ik nog wisselen, waarbij vrijdag geen optie is. Dus…
Hebben jullie een vaste vrije dag? En waarom die?

Kerst 2023.

De vraag ‘Wat doen we met Mam?’ was niet meer aan de orde dit jaar. Het was gek om geen ritje naar Brabant te maken om daar over te stappen op een rolstoeltaxi om mijn moeder bij een van haar kinderen aan de Kerstdis te schuiven.

Maar ergens was het ook wel heel relaxt dat ik niet zoveel hoefde. Ik nodigde dochter en schoonzoon uit op eerste Kerstdag en stelde voor dat we ouderwets zouden gaan gourmetten. Lekker makkelijk. En voor deze ene keer dekte ik de Kersttafel met het foeilelijke goede servies van mijn moeder dat toevallig nog hier stond. Zo was mijn moeder er toch een beetje bij.

Tweede Kerstdag was ik bij de liefste ex die mocht kiezen wat hij wilde eten. Het werd pizza en chocolademousse. Ook al zo lekker makkelijk. Met een bakje chocolademousse reed ik naar hem toe en liet bij de plaatselijke pizzaboer twee pizza’s aanrukken. We aten onze pizza’s met de doos op schoot op de bank terwijl we tv keken. De chocolademousse na maakte het helemaal af.

Toen ik thuiskwam was de vaatwasser klaar. Het foeilelijke goede servies van mijn moeder blonk me tegemoet. Het herinnerde me aan al die Kerstdiners, vroeger thuis. Toen we nog compleet waren, mijn vader en moeder, mijn broers en zussen en ik. En hoe ik als jongste altijd vakkundig mijn snor drukte als er afgewassen moest worden.

De warme maaltijd op zondag als al mijn inmiddels uitwonende broers en zussen naar huis kwamen. De groentesoep met California soepgroente en de soepballetjes die mijn vader draaide. Dampende aardappelen zoals alleen mijn moeder ze kon koken. Karbonaadjes die mijn vader tot het laatst bewaarde en pas na het toetje op at. Sperzieboontjes met spek. En de grote schaal pudding met koekjes na.

En hoewel het op de nominatie stond om weggegooid te worden, heb ik het servies in de kast gezet. Nu ook mijn moeder er niet meer is, lijkt haar servies ineens een stuk minder lelijk. Ik denk dat ik het houd. Al is het alleen maar voor Kerst. Om de herinneringen levend te houden. Dat had mijn moeder mooi gevonden.