Kattenren – het vervolg.

En dus reed ik op de eerste mooie lentedag van deze winter helemaal naar Galder omdat ik mijn zinnen gezet had op een kattenren voor Spike. Om elf uur stond ik bij Gardendiscount op de stoep en om vijf over elf was de koop gesloten. “Er zit geen handleiding bij” waarschuwde de verkoper “maar het is heel simpel. Je hebt niet eens gereedschap nodig. Het werkt met eh… Hoe heten die dingen?” “Vleugelmoeren.” antwoordde ik behulpzaam. Waarop de verkoper goedkeurend knikte en er alle vertrouwen in had dat het wel goed zou komen met de kattenren.

Ik begon aan de terugweg terwijl mijn uitzicht naar rechts-achter redelijk belemmerd werd door de enorme doos met kattenren die mijn hele auto vulde. Binnendoor reed ik naar Oosterhout waar ik koffie dronk en bij kletste met een goede vriend. Ik plakte er nog een bliksembezoekje aan mijn broer en schoonzusje aan vast in hetzelfde Oosterhout.

Daarna moest ik toch écht weer naar Amsterdam. Mijn schoonzusje liep mee naar mijn auto om me uit te zwaaien. Ik wees naar mijn volgeladen auto en vroeg haar “U wilt zó de snelweg op. Mag dat?” “Tuurlijk!” antwoordde schoonzus laconiek “Je hebt toch spiegels!” Maar echt happy voelde ik me niet. Ik had niet zo’n best uitzicht rechts achter. Het vanaf links naar rechts invoegen was dan ook een tikkie onhandig. Maar ik kwam heelhuids (en zonder boete!) thuis.

Hoewel het inmiddels donker was, schroefden we meteen de ren in elkaar en mocht Spike een kijkje nemen. Hij vond het een beetje raar. Onwennig liep hij door de ren en snuffelde dat het een lieve lust was. Maar het wende al snel. Spike was helemaal om.

De volgende dag was het stralend weer en zaten wij lekker op ons balkon. Met Spike prinsheerlijk op zijn poef die we in de kattenren gezet hadden. Genieten geblazen al was het soms even schrikken als er een vliegtuig over vloog of een van de buren langs liep. Maar dat wende snel. Spike geniet van de zon en de wind en vindt het prachtig.

Zo prachtig zelfs dat-ie inmiddels iedere dag bedelend voor de balkondeur zit. “Doe eens open! Ik wil naar buiten!”. Het in inmiddels lente maar op af en toe een mooie dag na, is het meestal nog best fris buiten. Maar wij zijn de beroerdste niet: we zetten gewoon de balkondeur open voor Spike. En zitten zelf vervolgens te vernikkelen op de bank. Maar ach, je houdt van zo’n beestje, hè.

8 gedachten over “Kattenren – het vervolg.

  1. Leidse Glibber

    Ziet er mooi uit die kattenren. De deur open zetten heel herkenbaar. Mevrouw hier heeft nu ook het balkon ontdekt en staat continue te mjouwen dat ze naar buiten wil. Doe je deur open staat ze je vijf minuten aan te kijken ga ik wel of ga ik niet 🙁

    Reageren
  2. sally

    Gaaf die kattenren. Iets om te onthouden als wij staks ook in Ned in een apt. wonen.

    off topic: ik reageer vaak op je blogjes via mijn mobiel maar blijkbaar komen de reacties toch niet aan.

    Reageren
  3. zus

    hoi hoi

    die spike zit er als een koning of koningin bij
    wel lekker voor hem/haar
    ik weet niet meer of hij spike een jongen of meisje is sorry

    Reageren
  4. appelig

    Je moet wat over hebben voor Spike, hopelijk wordt het gewaardeerd en krijgen jullie extra kopjes. Zo te lezen is het project kattenren geslaagd!

    Reageren
  5. netty

    Ahhhh wat schattig, wat heeft hij het naar zijn zin, zo te zien!!
    Prima oplossing en…….we hebben toch alles over voor onze prinsjes.
    Leuk stukje heb je weer geschreven !!!

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.