Laatste loodjes.

Het was even zeuren. En bij het revalidatiecentrum gingen ze heel moeilijk kijken. Het feit dat we om de hoek wonen en binnen tien minuten terug kunnen zijn, mochten er problemen met de pomp zijn, gaf de doorslag. Maar toen had ik het ook voor elkaar. Twee weken geleden mocht Frank, voor een paar uurtjes naar huis! Om te proberen. Iedereen dolblij natuurlijk. Behalve Frank. Die zei resoluut ‘Dat doe ik niet. Niet voor een paar uurtjes. Want dan wil ik niet meer terug.’

Ik snapte dat wel. En ik vond zijn zelfkennis geweldig goed. Dus drong ik niet aan. Maar de psycholoog wel. En die wist Frank uiteindelijk over te halen. Want als je niet naar huis gaat, weet je ook niet wat voor problemen je tegenkomt. Ik was er heilig van overtuigd dat er helemaal geen problemen zouden zijn. Welnee! Mijn Frank? Die doet dat gewoon even.

Maar ondertussen begon iedereen die ik sprak over de vier trappen (lees acht kleintjes) die Frank op zou moeten naar ons huisje. De echte optimisten vroegen zich zelfs af of hij niet uit een raam zou vallen. Ehhh. Hoe dan? Maar ik begon te twijfelen. Had ik de situatie dan echt zo verkeerd ingeschat? Ik kreeg er compleet de zenuwen van.

Met een knoop in mijn maag haalde ik Frank die zaterdag op. Dat Frank er stiekem ook tegenop zag, bleek uit zijn oneindige getreuzel. Nog één bakkie koffie en dan ging hij douchen. Nog één bakkie koffie en dan zouden we gaan. En zo stond ik uiteindelijk beneden bij ons flatje. Met Frank, een plastic tasje vuile was en zijn rollator. En vier trappen die we op moesten, het trapje naar de ingang niet meegerekend.

‘Geef mij die tas met was maar’ zei Frank, galant als altijd. ‘Nee!’ riep ik, de plastic tas met was stevig tegen me aan klemmend. ‘Loop jij maar naar boven.’ antwoordde ik. ‘Geef-mij-die-tas-met-was’ gromde Frank. ‘Oké..’ piepte ik en ik gaf hem de tas met was aan. ‘Maar rustig lopen! En laat die tas los als het niet gaat!’ waarschuwde ik nog. ‘Ik loop vlak achter je’.

Dat ‘vlak achter je’ was iets te optimistisch ingeschat. Frank liep in gestaag tempo, met de tas met was, vlot alle acht trappen op. Ik hijgend met de rollator er achter aan. Ergens tussen de tweede en derde verdieping, moest ik hem, compleet buiten adem, vragen om even op me te wachten. Maar zonder ongelukken bereikten we de voordeur en kon het Grote Genieten beginnen.

Frank knuffelde met Spike, die het toch allemaal een tikkie vreemd vond. We dronken samen onze eigen koffie en ’s avonds stond Frank, als vanouds, in de keuken om een uitje te snijden en te fruiten. Terug naar het revalidatiecentrum leverde ook geen problemen op, al werden we er allebei niet vrolijk van. De checklist, die we de woensdag daarop bespraken, maakte ons wél vrolijk.

De patiënt moet veilig via de trap naar de tweede verdieping kunnen lopen. Check! Meneer klimt zonder problemen naar vier hoog. De patiënt moet zich, zonder rollator, veilig in huis kunnen bewegen. Check! Dat was op onze 45m2 geen probleem. Hebben er zich onveilige situaties voorgedaan? Nee! Niks, nada, noppes! Was het vermoeiend, ook voor uw partner? Nee! Nee! Nee! Weet je wat pas vermoeiend is? Iedere avond na je werk een kant en klaar maaltijd in de magnetron gooien en je naar een revalidatiecentrum haasten. En daar te zien hoeveel erger het had kunnen zijn. Je beste maatje daar achter te moeten laten. Thuis komen in een leeg huis. Dát is pas vermoeiend.

Het resultaat van het voorspoedig verlopen proefverlof was dat Frank voortaan ieder weekend naar huis mag! Door de week blijft hij in het revalidatiecentrum maar van vrijdagavond tot zondagavond is hij thuis. Bij mij, bij Spike. Afgelopen weekend was het eerste weekendverlof en we hebben er zo van genoten. Zo fijn om gewoon met z’n tweetjes thuis te zijn. En zo lekker om gewoon te kunnen doen en laten wat we willen.

De hele gewone dingen zijn ineens zo bijzonder. Samen wakker worden, samen koffie leuten, samen koken, winkelen, zijn droge humor die er nog steeds is. Ik heb het zo gemist. Ik heb Frank zo gemist.

Over drie weken hebben we weer een afspraak. Dan weten we wanneer Frank écht naar huis kan. De laatste loodjes. En ik weet het; die zijn zwaar. Maar het gaat goed komen! Ik ben blij.

10 gedachten over “Laatste loodjes.

  1. Sally

    Natuurlijk heb je die man gemist. Me dunkt. Wat heerlijk dat hij al de weekenden thuis is. Nog ff en dan kan hij lekker helemaal thuis herstellen. Wat een feest. Die laatste loodjes…

  2. Marika

    Oh wat fijn zeg!! En dat het zo goed ging, heerlijk nu in ieder geval elk weekend alvast weer bij elkaar. 🙂

  3. Herma

    Wat super fijn om te lezen dat de weekends al zo goed gaan! Heerlijk even met z’n tweeën bijkomen van al die drukke maanden. Fijn weekend en voorspoedig herstel Frank. Groetjes uit Epe

Reacties zijn gesloten.