Na een verjaardagfeestje bij twee klasgenootjes kletsen we nog even bij. Ja, het was leuk. Ze heeft zich prima vermaakt.
Maar mijn lieve dochter-lief maakt zich zorgen…
Klasgenootje B. was een beetje stil en zij ging natuurlijk vragen waarom…
Een teamgenootje van B. heeft een niertransplantatie gehad. Jammer genoeg is deze nier afgestoten en heeft hij een nieuwe nier nodig. En, hoe wrang, na zijn eerdere transplantatie komt hij nu weer onderaan de wachtlijst. En dat terwijl hij het in deze situatie nog maar een week of drie ‘vol zal houden’. Te laat waarschijnlijk…
Huizenhoog kippenvel krijg ik, bij het horen van dit verhaal. Afgaand op Michelle’s verhaal gaat dit om een jongen van een jaar of vijftien, zestien. Onvoorstelbaar wat er door hem heen moet gaan. Onvoorstelbaar wat zijn ouders, familie en vrienden te verduren krijgen.
Michelle is aangedaan door het verhaal en verbijsterd. Ze snapt niets van ons donorsysteem. Zij heeft zich al opgegeven als donor (met mijn toestemming) toen ze een jaar of elf was. Nu denkt ze verder…
M: “Dat hele donorsysteem klopt niet. Ze mogen alles hebben als ik dood ben, maar wat als ik nu al iets over heb? Ze kunnen het beter omdraaien!”
N: “Wat bedoel je, schat?”
M: “Hij gaat dood omdat hij geen nieren meer heeft. Ik heb er twéé en ik heb er maar één nodig! Ik zou zo mijn nier afstaan! Als ze het nu eens omdraaien en een bestand maken van mensen die een nier af willen staan en dáár een nierpatiënt bij zoeken?”
Tja, daar zit wat in. Maar toch?
Ik vertel haar over bloedgroepen en weefseltypes. Ik vertel haar over de risico’s van zo’n operatie. De risico’s van het leven met maar één nier. Ik vertel verhalen over collega T. die een nier kreeg van zijn moeder.
Ik probeer het luchtig te houden en grap “Ja, maar wacht even! Die nieren van jou heb ik gemaakt! Die zijn van mij!” Ik dreig met niet kunnen turnen met één nier, maar dat gelooft ze niet.”Ja maar, anders gaat hij dood!’ roept ze uit. Ze zou het zó doen, ondanks alle gevolgen. Ondanks alle consequenties, voor iemand die ze niet eens persoonlijk kent.
Ondanks het late uur, duikt ze achter de computer en zoekt informatie op internet over niertransplantaties, bloedgroepen en weefseltypes tot ik haar haar bed in jaag.
Dubbel, dubbel. Dubbel zijn de gedachten die daarna door mijn hoofd spoken. Stel dat zij en het clubgenootje van B. een ‘perfect match’ zouden zijn…
Nooit, nóóit zou ik toestaan dat mijn kind een nier afgeeft aan een ander.
En dus… laat je het kind van een ander doodgaan…
Nog liever mijn nier dan die van haar. Maar stel, in de meest krankzinnige vorm van denken, dat zij een perfect match zou zijn en ik niet…
Wat dan?
Het is allemaal theoretisch. Mijn dochter is ‘gezegend’ met een erg zeldzame bloedgroep. Zij zal niet zomaar een ‘match’ zijn in het database voor donororganen dat zij in gedachten heeft.
Wat haar nieren betreft? Geen idee. Maar dat haar hartje zonder meer deugt, is me vanavond meer dan eens duidelijk geworden! Ze heeft een hartje van goud!
In elk geval zijn mijn gedachten bij het teamgenootje van B. en zijn ouders. Ik denk aan hen. Dit moet ondraaglijk zin.
Maar voorlopig is dit het enige wat ik kan doen:
Heb je iets weg te geven straks? Registreer je hier!


Kippenvel, wat een drama voor die jongen en z’n familie. Zoveel ellende in zo’n jong leven. En wat een naastenliefde van Michelle.
Ook ik sta donor geregistreerd maar net wat je schijft dat is voor na je overlijden. Geven, aan ‘onbekenden’ dan, als je zelf nog gezond bent (behalve bloeddonor) verandert voor mij ook de zaak. Gewoon uit angst dat het in de toekomst voor jezelf fout loopt. Wat een egoistische gedachte he.
De man van een vriendin heeft een nieuwe lever, een nicht van me heeft een nier van haar moeder, mijn man heeft beenmerg afgestaan aan zijn doodzieke zus. Helaas heeft dat laatste geen baat mogen hebben maar de andere 2 mensen leven inmiddels al weer jaren in goede “gezondheid” verder.
Wanneer het een geliefde betreft is die keus anders als iets geven aan een vreemde.
Wijzelf hebben het steeds uitgesteld om ons donor registratie formulier in te vullen. Ik praat er welleens over met de kinderen maar dar blijft het tot op heden toe nog bij.
Inderdaad lijkt het me een verschrikkelijk voor die jongen en zijn ouders.
Maar eerlijk gezegd kan ik mij jou dilemma ook helemaal indenken, wat zitten we eigenlijk qua gedachtes raar in elkaar he.
Na mijn dood mogen ze alles wat ze kunnen gebruiken van me hebben , geen probleem, maar weet ook niet of ik nu iets af zou willen staan.
Wel erg goed van Michelle om er zo mee bezig te zijn, dat tekent toch ook weer haar karakter.
‘Gelukkig” maar zijn hartjes van goud niet te transplanteren 😉
Al denk ik zo dat er vraag genoeg naar is in de wereld …
wat een ontzettend zware last hebben sommige mensen te dragen!
Verder denk ik ook dat je aan mensen die je lief hebt wel iets kunt doneren, als dat echt zin heeft. Aan vreemden is toch lastig, want mocht het later helemaal misgaan, dan krijg je denk ik toch spijt.
Laten we verder ook hopen dat de medici zover komen dat ze minder donoren nodig hebben. Ze zijn een heel eind, dus ik hoop dat vanuit deze hoek goed nieuws te verwachten is!
Dit zijn van die momenten dat je je weer eens realiseert hoe belangrijk gezondheid (en zeker die van je kinderen) is… Michelles gedachten laten zien hoe ze meeleeft met die jongen. Kippenvel krijg ik ervan. Wat een geweldige dochter heb je!
Inderdaad een prachtige gedachte van Michelle , maar ja zoals je zegt niet zonder de nodige risico`s ……..
Ik ben zelf ook al jaren donor , van mij mogen ze alles gebruiken ( wat er dan nog te gebruiken is ..)
Groetjes Ylone
Heftig, maar goed om er mee bezig te zijn.
Zoals al geschreven is het misschien wat “makkelijker”als het om familie gaat en zou je een vreemde alles van de wereld wel gunnen, maar daadwerkelijk ook geven..?
Moeilijk.
Lind@
Wat heb jij een kanjer van een dochter zeg.
En wat een ellende voor de ouders van die knul, ik wens jullie sterkte