Gemis.

Deze week is 21 jaar geleden dat mijn vader overleed. Ook al was hij ziek, zijn overlijden kwam voor ons als donderslag bij heldere hemel. Toen we hoorden dat hij nooit meer beter zou worden, was hij al niet meer aanspreekbaar. Een boom van een kerel. Onze held. Onze grote, stoere vader. Dat kón gewoon niet. Maar drie dagen later waren we hem voor altijd kwijt.

Ik herinner me het onwerkelijke gevoel van boodschappen doen in een wereld die gewoon door draaide terwijl mijn vader dood was. “Prettige dag nog!” zei de cassiere. Geen Dag van Nationale Rouw. Geen vlaggen half stok. Zelfs de treinen reden gewoon terwijl mijn vader, die toch zijn hele leven lang bij ‘het spoor’ had gewerkt, dood was.

Ik herinner me hoe we muziek uitzochten voor zijn crematie, teksten uitzochten en bloemen regelden. En overal tussendoor was het ongeloof, de verbijstering en dat enorme verdriet. ’s Avonds, als Michelle op bed lag, huilde ik mijn eentje tranen met tuiten. Overdag huilde ik bij mijn moeder aan de keukentafel. Samen met mijn moeder en mijn zussen. Een rol keukenrol tussen ons in op tafel. Ik herinner me hoe stoer mijn broers waren, ondanks hun verdriet.

We namen afscheid op een zonnige zaterdag. Er waren zoveel mensen dat er niet genoeg stoelen waren. Ik weet nog dat ik omkeek in de aula van het uitvaartcentrum, al die mensen zag staan en me afvroeg wat mijn vader daarvan gevonden zou hebben. Het zou hem verbaasd hebben, bescheiden als was hij. Ik herinner me mijn moeder, kleiner dan ooit, die strak naar de kist keek waarin haar geliefde man lag. Ik herinner me mijn kleine neefjes en nichtjes huilend in ons midden.

Ik zat achter mijn broer Jan, die zich omdraaide en een opgevouwen A4-tje in mijn hand stopte met daarop zijn toespraak. “Hier” siste hij “als ik het niet kan, moet jij het doen”. Gelukkig was dat niet nodig. Dapper hield mijn broer zijn toespraak die eindigde met de woorden dat hij zijn vader niet kon missen.

Maar we moesten wel. En inmiddels zijn we 21 jaar verder. En we missen mijn vader nog iedere dag. We huilen nog steeds om hem, af en toe. Maar we lachen ook vaak als we herinneringen ophalen. Als ik koffie drink bij mijn moeder kijk ik naar de foto van mijn vader. Vanaf zijn plekje aan de muur kijkt hij glimlachend de kamer in.

Ik vraag me af wat hij zou vinden van mijn dappere moedertje. Ze wordt een dagje ouder, krijgt steeds meer kwaaltjes maar ze redt zich nog. Wat zou hij vinden van mij, van mijn broers en zussen? Met z’n allen proberen we zo goed mogelijk voor mijn moeder te zorgen. Wat zou hij vinden van Michelle en van mijn kleine neefjes en nichtjes van toen? Ze zijn groot geworden. Ze studeren, hebben banen, sommigen zijn getrouwd, sommigen hebben zelf al kinderen. Ze doen het goed.

Al met al hebben we het toch maar mooi gered met z’n allen.
Het leven gaat door. Zo hoort het ook.
En ergens daarboven is iemand vast heel erg trots op ons.
Net zo trots als wij op hem zijn. Nog steeds.

10 gedachten over “Gemis.

  1. Sandra

    Wat bijzonder dat jullie dit zo samen delen en dat het verliesverdriet, alles, er altijd mag zijn. Mooi verwoord hoe de Liefde over grenzen gaat… Liefs!

  2. appelig

    Ik hoop dat ik het voorlopig nog niet mee hoef te maken, maar als het eenmaal zover is, dat ik er ook op zo’n manier aan terug kan denken.

  3. zus

    komt allemaal weer terug als ik dit lees
    keukenrol nodig maar dat zal wel zo blijven
    a 4 tje gelezen weer keukenrol
    is natuurlijk wel een beetje dubbel voor mij dan
    mooi geschreven

  4. Nicky

    @Zus: sorry, Zusje! Het was niet mijn bedoeling je aan het huilen te maken en zeker niet twee keer. Ik grijp ook nog steeds wel eens naar de keukenrol als we het over Pa hebben…. We hadden destijds aandelen in keukenrol moeten nemen. Dan waren we nu rijk geweest!

    En @de rest: wat lief van jullie!

Reacties zijn gesloten.