Categoriearchief: Fotografie door Uncle Bob

Uncle Bob en de expositie.

In november had Uncle Bob er geen zin in. De opdracht van die maand was de zonsondergang fotograferen en dat lukte niet echt. Ik leverde wat foto’s uit mijn archief in voor mijn fotografie-opdracht en toen hoorde ik dat je twee jaar mag doen over de twaalf opdrachten! Twee jaar! Jongens! Dan ga ik toch niet in de kou staan klungelen?

In de maand december had de opdracht veel met water te maken. Een knappende waterballon fotograferen, bijvoorbeeld. Ook niet handig. Zie in december maar eens waterballonnen op de kop te tikken. Dat lukte dus niet. En bovendien had ik niet veel zin om in de kou buiten te gaan staan knoeien met water. Dus ook de opdracht van december liet aan mij voorbij gaan. 

In januari had ik geen tijd op te fotograferen. Wat natuurlijk gewoon een smoesje is. Oké, ik hád ook echt weinig tijd. Maar als ik echt gewild had, had ik best tijd kunnen maken. Het moge duidelijk zijn dat toen ik hoorde dat ik twee jaar de tijd had om mijn twaalf opdrachten in te leveren, mijn stok achter de deur verdwenen was.

Inmiddels is het februari. De grootste drukte is voorbij, ik heb zeeën van tijd en het blijft ‘s avonds al langer licht. Dus het wordt tijd om weer aan de slag te gaan. En om het moraal hoog te houden heb ik besloten iets van mijn eigen werk in mijn pas verbouwde huis op te hangen. Als nieuwe stok achter de deur en als geheugensteuntje hoe leuk ik fotografie vind.

Dus Uncle Bob heeft nu een heuse expositie.
Op het toilet. 

Uncle Bob had geen zin.

De fotografie-challenge voor de maand november: een zonsondergang fotograferen. Een wat? Ja. Een zonsondergang. Dus de ondergang fotograferen van die ronde bol die wel eens in de lucht hangt en licht geeft. Ik weet niet hoe jullie november was maar de mijne was vooral nat. De zon heb ik niet veel gezien.

Ja, heel soms. ‘s Morgens als ik op kantoor zat. Maar daar had ik niet veel aan natuurlijk. Tegen de tijd dat ik thuis was, was de zon allang onder. Eén poging heb ik gedaan; in het weekend. Te lui om te fietsen pakte ik de auto naar Wijk aan Zee en stond daar uit mijn hemdje te waaien. En net voor de zon onderging, kwamen er grote wolken opzetten. Bleek dat mijn weersvoorspellings-app weer eens gelogen had. 

Ik werd er bloedchagrijnig van. Dus toen de maand november voorbij was, dook ik kwaad in mijn foto-archief. Wil je een zonsondergang? Hoeveel heb je er nodig? Hier héb je een zonsondergang! En hier nog een! Hier! Pak aan! Met je zonsondergang.

Eerlijk gezegd werd ik er niet vrolijk van. Ik kreeg alleen maar heimwee.
Was het maar weer zomer…

Uncle Bob stond vroeg op.

Gááp. Pardon. Schááp.

Her en der zie ik ze voorbij komen. Van die mooie foto’s, gemaakt tijdens zonsopkomst. Dat mooie licht, hier en daar nog een beetje nevel. Prachtig. Maar ja, ik lig in het weekend op dat tijdstip nog in bed. En ik draai me nog zeker twee keer om. Toch moest het er een keer van komen. Ik zette de wekker en stond vroeg op. Het was zó moeilijk! Want vroeg naar bed gaan was weer jammerlijk mislukt en mijn bedje was zo lekker warm. En buiten was het nog donker. Maar ik deed het! Ik kwam bed uit en fietste net voor de zon op kwam naar het landgoed bij Chateau Marquette.

Eenmaal daar kwam ik er achter dat ik te vroeg was. De zon kwam weliswaar op maar zat nog verscholen achter de bomen. Ik had nog zeker een uur in bed kunnen blijven. Briljant, Einstein, om daar niet aan te denken! Het was bovendien nog zo donker dat ik een lange sluitertijd nodig had om te fotograferen. En dan moet je je camera heel stil houden wat niet mee valt als je bibbert van de kou. Dus er zat niets anders op dan te wachten. Ik liep moedeloos rondjes door het natte gras. Waarom had ik mijn laarzen niet aangedaan? En ik kreeg het steeds kouder. Waarom had ik geen koffie meegenomen? Waarom heb ik niet van die handschoenen zonder vingers? En waarom had ik deze idiote locatie gekozen? Met al die bomen? Mijn voorbereiding was echt bar slecht.

En toen was ze daar eindelijk. De zon! Ze piepte door de bomen heen en het werd iets lichter. Ik liep voor de vierde keer heen en weer over het landgoed. Ik was inmiddels zo verkleumd dat ik er eigenlijk al geen zin meer in had. Voor de vorm klikte ik nog wat in het rond. Ik zat op mijn knieën op mijn vuilniszak op de koude grond om foto’s te maken van paddestoelen maar door de kou schoot er meteen een kramp in mijn kuit. Slecht plan, jongens. Heel slecht plan. Ik vond het helemaal niet mooi. En ook niet bijzonder. Ik vond het alleen maar koud. En nat.

Gelukkig waren er schapen! Schapen zijn altijd goed! Al was ik er bijna zeker van dat ze over mij roddelden. Na nóg een rondje hield ik het voor gezien. Verkleumd stapte ik na twee uur buiten rond sjokken op de fiets en ging naar huis. Ik kon nog best een uurtje in bed kruipen, bedacht ik me. Maar ik had zulke koude voeten dat ik niet meer kon slapen. En over mijn foto’s was ik ook niet wildenthousiast. Het was ook gewoon een stom plan. Ik bén gewoon geen ochtendmens. Zeker niet in de herfst. Ik ga het het echt nog wel een keer opnieuw proberen. Maar pas als het weer zomer is. Voorlopig slaap ik gewoon lekker uit. Daar ben ik namelijk wél goed in.

Uncle Bob en de ontplofte inbox.

Natuurlijk vind ik mijn fotografie challenge nog steeds heel leuk. Maar ik fotografeer ook nog steeds voor de lol. Of soms zelfs een beetje in opdracht. Afgelopen maand hadden mijn collega’s en ik, voor het eerst sinds de lockdown van 2020, weer een echt bedrijfsuitje. We vergaderden een ochtendje in het echie en maakten een stadswandeling door Utrecht. Een mooie gelegenheid om nieuwe profielfoto’s te maken voor op onze website en LinkedIn-pagina. En hoewel er vast meer collega’s zijn met een goede camera, vroeg de baas aan mij of ik foto’s wilde maken. En dat vind ik dan toch best wel een beetje spannend. Het mag niet mislukken, hè.

We wandelden met een gids door Utrecht en ik probeerde al mijn collega’s één voor één op de foto te zetten terwijl ze het niet in de gaten hadden. Er zaten zowaar een heleboel prachtige portretfoto’s bij, al zeg ik het zelf. Ook de portretfoto’s voor onze website waren een groot succes. Ik klikte, liet de foto zien en de desbetreffende collega liep tevreden door om plaats te maken voor de volgende kandidaat. Ook de groepsfoto was zo gepiept.

Het bedrijfsuitje was op dinsdag. ‘s Avonds zette ik de foto’s in onze cloud en logde uit want de volgende dag was ik vrij. De donderdag daarop, toen ik inlogde, was mijn inbox ontploft. Ik had een hele rits emailtjes van collega’s die mijn foto’s zo mooi vonden. Uncle Bob was best een beetje trots. En tevreden met mijn rol als fotografe. Want als je Uncle Bob bent, hoef je zelf niet op de foto. 

Vol vertrouwen stortte ik me daarna op de volgende opdrachten uit mijn fotografie-challenge. Het onderwerp van deze maand was ‘Tegenlicht’. En dan valt het altijd weer tegen en blijk ik toch nog steeds een amateur te zijn. De opdracht ‘De ring op het boek’, was een uitdaging. Maar dat kwam vooral omdat de ring maar niet wilde blijven staan. Toen hij eenmaal bleef staan, was het een kwestie van vlug-vlug klikken. Voor de opdracht ‘Silhouet’ maakte ik me er makkelijk vanaf door een oudje in te sturen. Maar hé! Mooier dan die wordt het niet.

Maar voor de vrije opdracht had ik het mezelf niet makkelijk gemaakt. Glazen van één kant belicht.  Ik bouwde een mooie opstelling, zette mijn camera op statief en prutste een avond lang met glazen, lampjes, limoentjes en een donkere achtergrond. Op mijn knieën zittend achter mijn camera. Klik. Opstaan. Instellingen aanpassen. Weer zitten. Klik. Weer staan. En dat een keer of tig. 

Uiteindelijk was ik redelijk tevreden en stopte ik. Want volkomen tevreden word ik toch nooit. De volgende dag strompelde ik rond. Normaal lopen ging niet meer door de spierpijn in mijn bovenbenen. Nooit geweten dat je van fotograferen spierpijn kunt krijgen. Maar geloof me; het kan!